arrow_drop_up arrow_drop_down
21 September 2020 

Slippertje 24: Van ICT stage in Kenia tot succesvolle e-commerce ondernemer met Kees Schepers

Yes, dames en heren het is weer tijd voor de nieuwe podcast aflevering in de Ondernemen Op Slippers podcast-show! Deze week is Kees Schepers mijn gast, Kees groeide als kleine jongen op op het Nederlandse platteland, deed zijn stage ICT in Kenia en groeide uiteindelijk uit de succesvol e-commerce ondernemer. Hoe hij dit deed? Je hoort het allemaal in alweer het 24ste Slippertje!

Verder vertelt Kees Schepers in deze podcast over:

  • de wijze lessen die hij leerde op de boerderij
  • de bizarre fietstocht die hij maakte in Kenia
  • hoe en waarom hij de transitie maakte van dropshipping naar eigen productie
  • of hij weleens op vakantie gaat
  • en wat zijn dromen voor de toekomst zijn

Laten we snel gaan luisteren naar de avonturen en verhalen van Kees Schepers, let’s goo!!

Podcast transcriptie

Bas: Dames en heren, vandaag in de Ondernemen op Slippers podcast: Kees Schepers! Kees is opgegroeid in een boerenfamilie en reisde op zijn 18e af naar Kenia voor zijn ICT-stage, maar uiteindelijk vond hij school niet boeiend genoeg en is hij gestopt om software te gaan ontwikkelen. Hij droomde van drag racen op scooters en rolde zo het bestuur in van SBO en daar begon een beetje zijn ondernemersavontuur. Scooters moesten natuurlijk zo licht mogelijk zijn om zo hard mogelijk te kunnen racen. Zo kwam hij in aanraking met carbon, epoxy, polyesters en zo is hij begonnen met het dropshippen van al dat spul. Zo ontstond polyestershoppen.nl en dat heeft hij megagoed gelanceerd. Hij groeide van 0 naar 8 miljoen in een relatief korte tijd en gaat inmiddels internationaal. Welkom Kees.

Kees: Ja, welkom.

Je gooit je shit opzij, en voelt je vogelvrij, je runt je business op je slippers en dat maakt je blij.

Bas: Mijn doel is dat heel Nederland deze jingle meezingt, gaat dat lukken denk je?

Kees: Volgens mij heb ik nog niemand betrapt op het meezingen, maar ik vind het een leuk deuntje.

Bas: Ja, mooi.

Je droom is werkelijkheid, bent van de stress bevrijd, je kraakt de code van het leven met zekerheid.

Kees: Ik zat van de week eens naar de tekst te luisteren.

Bas: Ja, oh ja.

Kees: Het is ook nog echt toepasselijk ook.

Bas: Ja, ja, is mooi toch?

Kees: Ja, zeker, ja, leuk.

Bas: Is het voor jou nog een beetje ondernemen op slippers of?

Kees: Ja, misschien dat het een beetje vanaf dit jaar wel ondernemen op slippers wordt, maar nee, ik ben wel behoorlijk veel bezig met het bedrijf en ik maak best wel lange dagen, maar ja. Zo voelt het natuurlijk niet, maar, ja.

Wat zou je doen als je nog drie maanden te leven hebt?

Bas: Nee, ja, mooi man. Ja, ik stel altijd een redelijk intieme vraag aan het begin om even te kijken wat belangrijk voor je is. Wat zou je doen als je nog drie maanden te leven hebt?

Kees: Oeh, ja, ik denk dat ik die drie maanden die zou ik voornamelijk besteden met mijn gezin, met mijn kinderen en met mijn vrouw en ja, hun voor te bereiden op de tijd zonder mij. Ik zou liegen als ik zou zeggen dat ik de zaak helemaal links zou laten liggen, ik denk wel dat ik ja, proberen zou te zorgen dat mijn compagnon, ja, ook verder kan zonder mij, maar ja, ik denk bijna vanzelfsprekend dat ja, heel veel tijd naar mijn gezin gaat en ja, het beste eruit te halen nog met ze.

Bas: Ja.

Kees: Ja, is wel lastig. Ik sta er gelukkig niet veel bij stil, maar ja, het zou wel heftig zijn, ja.

Bas: Ja, goed, weet je, ik heb dat zelf altijd een beetje als je dan weer bij een crematie, een begrafenis zit dan ga je weer nadenken over het leven en dan ja, besef je, ja.

Kees: Ja, ik had het een beetje met mijn vader, die is niet zo heel lang geleden gestorven.

Bas: Ai.

Kees: Ja, die kreeg bericht dat hij, ja, ook nog maar een jaar had of zo.

Bas: Jeetje.

Kees: Dus heb ik best veel dingen mee gedaan nog. Ja, en dan, ja, dat jaar, dat is nou inmiddels 1,5 jaar of 2 jaar geleden, ja, dan ga je daar wel over nadenken ja.

Verandering door verlies

Bas: Ja, maar dus toch misschien een van de heftigere gebeurtenissen als je vader doodgaat. Ik bedoel ja, je hebt er maar één en dat moet wel, heeft dat iets in je veranderd? In je leven of in hoe je bepaalde dingen aanpakt of?

Kees: Ja, ik vind het moeilijk te benoemen, maar ik denk het wel. Ik denk wel dat dat, ja, dat je wel, ja, anders naar het leven kijkt.

Bas: Ja.

Kees: En ja, probeert meer te genieten van het leven of minder druk te maken om dingen. Ja, een beetje cliché, maar ik vind het lastig om het te benoemen van nou, na het overlijden van mijn vader heb ik dit en dit geleerd, maar ik denk wel dat het iets doet met een mens en mijn moeder ben ik ook verloren dus ja, dat was wel heel gek toen mijn vader overleden was dat, ja, dan ben je een soort wees hè, je hebt geen ouders meer waar je op terug kan vallen dus ja, dan ga je wel nadenken over dingen in het leven en ook, ja, hoe het is voor je eigen kinderen als ja, als zij straks verder moeten zonder je. Maar gelukkig duurt dat nog, of ja, hopelijk duurt dat nog heel lang. Maar ja, het zijn heftige, ja, heftige dingen hè.

Bas: Ja, want je bent ook vader van twee begreep ik, eentje van 8 en eentje van 5.

Kees: Ja, bijna 5, ja.

Bas: Bijna 5, ja, mooi. Dus ja, dat zijn ook mooie dingen natuurlijk.

Kees: Ja.

Bas: Ja, het is wel grappig, ik stel mijzelf de laatste tijd steeds vaker de vraag zeg maar voor wat, waarom en voor wie, weet je. Sta je daar weleens bij stil? Wat je aan het doen bent dan.

Kees: Ja, soms dan, ik heb best wel vaak 1-op-1 gesprekken met mijn compagnon, wij appen heel veel of praten met elkaar op de zaak of wat dan ook en ja, soms dan laat ik mijzelf zo meesleuren in de zaak, in de dagelijkse gang van zaken dat je soms weleens, ja, dan zit je thuis of ja, dan ben je even, dan heb je een moment voor jezelf en dan denk je ja, dan ga je die vragen stellen en dan dat helpt mij weer om te denken van joh, ik moet me misschien wat minder druk maken of ja, er anders naar kijken of ja, dus op die manier ja, stel ik mijzelf weleens die vraag van joh, ja.

Bas: Waar ben je nou mee bezig.

Kees: Ja, waar ben je nou mee bezig.

Bas: Maar het is bizar lastig om je zeg maar niet druk te maken en toch er is altijd een bepaald niveau van stress hè, en dat is, ja, dat is toch een heel mentaal spel is het hele ondernemen natuurlijk.

Kees: Nou ja, vorig jaar gingen we als onderneming ging het, nou, minder wil ik niet zeggen, maar het ging tegen verwachting in en dan wordt het echt vechten tegen je verwachtingen zeg maar en dat was best een pittig jaar vorig jaar en dit jaar gaat het eigenlijk best wel goed, maar dan zoek, ja, dan loop je ook te klagen over dingen dus en druk te maken om dingen en ja, dat ja, dat is toch een beetje, ja, misschien ondernemers eigen, maar en dan moet ik mijzelf weleens wakker schudden dat ik denk van joh, volgens mij heb ik het financieel goed, mijn kinderen zijn gezond, in het bedrijf gaat het allemaal best wel ok, we hebben mooie dingen bereikt met zijn allen dus ja, waarom inderdaad? Ja.

De kleine Kees

Bas: Tof, tof. Ja, we gaan door het bedrijf gaan we natuurlijk helemaal heenlopen, maar begin eens eventjes bij de kleine Kees, want ja, je bent opgegroeid in een boerenfamilie, hoe zag dat eruit? Was dat kippen, varkens, koeien, schapen of?

Kees: Nou, bijna in een keer goed! Nou, waar ik geboren ben heb ik maar een paar jaar geleefd, dat was de boerderij van mijn oma en die heeft mijn vader overgenomen. Of ja, overgenomen, ja, die ging daar verder en alleen dat was al uitgekocht al voordat mijn vader daar ging wonen door de gemeente. Dus je mocht daar maar, ja, die mocht er maar een paar jaar zitten totdat het gesloopt werd en er staat nu een hele mooie tunnel op die boerderij.

Bas: Oh.

Kees: En toen zijn we verhuisd, ja, naar het volgende huis en daar heb ik een jaar of, daar heb ik eigenlijk een groot deel van mijn jonge jeugd doorgemaakt en daar had hij 30.000 kippen.

Bas: Ja.

Kees: Legbatterij nog, die inmiddels niet meer mogen en groente en fruit verkocht hij, ja.

Bas: Oh wow.

Kees: Ja.

De wijze lessen uit het boerenleven

Bas: En welke lessen heb je meegenomen uit dat boerenleven?

Kees: Ja, onbewust heel veel lessen. Sowieso is mijn vader altijd een hele grote bron van inspiratie geweest ook al ja, is hetgeen wat hij gedaan heeft toch anders als wat ik deed of doe nu, maar ja, ik denk de nuchterheid dat heb ik echt van mijn ouders en ja, misschien het onbezonnen zijn hè, dingen gewoon proberen, gewoon doen.

Bas: Ja.

Kees: Van mijn moeder ook wel, die was best wel gek en ja, die had zoiets van joh, we doen het gewoon.

Bas: Ja.

Kees: Ja, en hoe je met mensen omgaat, ja, dat soort, ja, het is een beetje, ja, kijk, praktische tips misschien wat minder omdat ja, het boerenleven is toch net wat anders als het e-commerce gebeuren zeg maar, maar ja, dat soort lessen hè, van die levenslessen dingen.

Bas: Ja, maar op een boerderij is in de basis toch gewoon knetterhard werken? Of niet? Het is gewoon vroeg op en laat naar bed en er is altijd wel wat te doen op het land.

Kees: Toen ik mijn vrouw daar eerst over vertelde die was daar best wel verbaasd over en ja, die had daar best wel bepaalde gedachten over, maar ik weet nog goed dat ik vroeger, ja, toen was ik een jaar of 8 of zo of 9 en ja, op het moment dat je oud genoeg was om mee te helpen in de zaak dan moest je op zondag, want die kippen die blijven elke dag eieren leggen hè, ik bedoel, ja.

Bas: Die stoppen niet.

Kees: Die slaan niet een weekend over voor je.

Bas: Ja, als je ze geen eten meer geeft stoppen ze wel.

Kees: Ja, dan stoppen ze er op een gegeven moment mee, ja, klopt, ja. Maar ja, in het weekend moesten er gewoon eieren geraapt worden zullen we maar zeggen, zo noemde je dat. Dat ging wel met machines een beetje, maar en dan moesten ik en mijn zus gewoon meehelpen. Ja, een iemand moest het huishouden boven doen en dus stofzuigen of weet ik veel wat en beneden moest iemand meehelpen eieren rapen en ja, natuurlijk, dat ging niet altijd van harte, dat zal ik je niet ontkennen, maar ja, dat, ja, dat was ik heel gewend dat, ja, dus elke weekend hielpen we mee, maar ik ging ook heel vaak mee de route op met mijn vader of met mijn moeder met de bus, bestellingen bezorgen en zo, ja.

Starten met ‘ondernemen’

Bas: Cool. En is toen ook een beetje je ondernemersgeest naar boven gekomen al op die leeftijd? Of ja, begon je kleine handeltjes?

Kees: Ja, dat soort dingen, ja.

Bas: Pikte je de eieren en verkocht je ze aan de buren of?

Kees: Ja, nou ja, ik heb toen ik, ja, ik denk een jaar of 8 of 9 was toen, of op een gegeven moment ging ik kippen houden want ik wou altijd kippenboer worden zei ik toen al en ik wou, ja, ik had toch een soort droom om mijn ouders op te volgen toen en toen had ik wat scharrelkippen buiten, gejat uit de stal van mijn vader en voer hoefde ik ook niet te kopen dus die, ja, die kippen die legden eieren en dat verkocht ik op het fietsje ging ik, ja, het hele platteland af langs ooms en tantes om die eieren te verkopen en zij wisten dan niet dat ze eieren kochten van 6 weken oud, maar ja, ik had dan weer 2 gulden verdiend. En ik weet nog goed, ja, toen was ik 8 jaar of zo toen had ik een keer wel echt 250 gulden op een jaar binnen geharkt.

Bas: Wow.

Kees: Ja, ja.

Bas: Dat zijn nog eens getallen.

Kees: Ja, nou ja, dat was voor die tijd echt, ja.

Bas: Ja, ja. Dat is wel tof hoor, ja.

Kees: Dus, ja, dat ja.

ICT opleiding

Bas: Cool man. Hé en op een gegeven moment, je bent, je hebt een ICT-opleiding gedaan geloof ik? Althans, iets wat erop leek?

Kees: Ja, nou, tot een jaar of 12 of zo toen, ja, toen had ik altijd de droom om boer te worden. Ja, ik keek heel erg op tegen mijn ouders en mijn vader en alleen ja, ergens rond mijn 12e leeftijd toen kreeg mijn vader de eerste computer, of nou, iets eerder al, eerst met DOS en zo 286 of 386, hoe noem je die dingen.

Bas: Ja, ja.

Kees: De Commodore tijd heb ik niet gehad hoor, maar toen begon ik met het slopen van mijn vaders computer en op een gegeven moment toen in het Windows 95 tijdperk, ja, op de een of andere manier, ja, had ik een nieuwe passie ontdekt eigenlijk en zo, want toen ben ik, of na de basisschool ben ik een agrarische opleiding gaan doen. Hè, voortgezet onderwijs in het agrarische, maar ik merkte al halverwege die opleiding dat ik de ICT-kant in moest gaan want daar, ja, had ik heel veel plezier in. Mijn vader heel veel ergernis want die heeft meerdere duizenden guldens, ja, versleten aan het repareren van de boel, want dan had ik de software weer kapot gemaakt of weet ik veel wat, dus ja, op die manier ben ik dan de ICT ingerold.

Bas: Cool, cool. Zo ben je de ICT-opleiding gaan doen en een van de merkwaardige dingen die je hebt gedaan is dat je stage hebt gelopen in Kenia.

Kees: Ja.

Stage in Kenia

Bas: Waarom Kenia en wat ging je er allemaal uitvogelen?

Kees: Ja, dat was een soort, ja, studentenproject van een Nederlandse organisatie die samenwerkte met een stichting in Kenia en die hadden allerlei projecten in de dammenbouw en de ICT en ja, verzorging in ziekenhuizen en zo en daar werden elke keer een aantal studenten heen gestuurd die daar een half jaar lang mee gingen helpen met die organisatie daar en ja, als onderdeel van het programma wouden ze een experiment doen om met twee hogeschool studenten en een MBO-student naar ja, voor 6 of 5 maanden, ik weet het even niet meer precies hoe lang, maar naar Kenia te gaan en dat project te doen zeg maar en ja, ik was de eerste op de opleiding die, ja, die ze daar naartoe wouden sturen.

Bas: Cool.

Kees: Dus ja, dat was een klein half jaartje en toen heb ik een ICT-project gedaan, dus ik gaf les aan kinderen op scholen in ICT. En dan zal je zeggen nou, waarom? Dat gaf heel veel kansen voor die leerlingen om te werken in hoofdsteden waar, ja, toch ICT-kennis in een bepaalde mate noodzakelijk was. Want het was soms best bijzonder want we zijn in plaatsen geweest waar niet eens stroom was dus ja, dan kwam je daar met computers aan en dan moest je ook nog een aggregaat fixen, maar en we hebben software gebouwd voor een ziekenhuis voor medicijnenregistratie.

Bas: Cool.

Kees: Of ja, dat deden die studenten, die hogeschool studenten want software bouwen, ja, had ik heel veel interesse in, maar ja, ik kon het nog niet zo heel erg. Ja, dat soort projecten zeg maar.

Bas: Heel tof.

Kees: Ja, ja.

Het leven in kenia

Bas: En hoe zag het eruit en waar verbleef je? Had je, of was het gewoon in een soort van kamer of zo of in een lodge of?

Kees: Nou, ik ben gevlogen naar Nairobi hè, naar de hoofdstad en wij woonden zeg maar eigenlijk in een dorpje Kitui heette dat en dat zat tussen, ja, een beetje in het midden van het land, tussen Nairobi en Mombasa in zeg maar, want dat was 600 km en precies op 300 kwam je dus voorbij dat saaie dorpje Kitui zeg maar en ja, daar hadden we wel een redelijk huis. Of ja, een huisje, een hofje en ja, we hadden dan, ja, geen verwarming, heb je daar ook niet nodig, maar ook geen airco of geen tv, we kookten op kolen en ja, het was geen hutje zoals sommigen misschien zouden denken, maar wat wel zo was is wij deden zeg maar, ik heb daar 4, 5 maanden geleefd en we gingen dan elke keer twee weken naar een districtplaatsje waar we dan die lessen gaven en dat was wel redelijk primitief, dan als je op een lattenbodem mocht slapen zonder matras dat was al heel luxe.

Bas: Wow.

Kees: Dus en daar zat je dan een week en dan ging je weer terug naar je, ja, thuisbasis zal ik maar zeggen en dan voorbereiden op de volgende reis weer.

Bas: Ja.

Kees: Ja.

Bas: Wel heel tof. Ik kan me voorstellen dat dat echt een bizar, ja, mooi avontuur is en je ziet eigenlijk hoe basic het daar allemaal is weet je en dat je eigenlijk met je Westerse creativiteit zeg maar zoveel verschil kan maken bij de mensen daar zeg maar.

Kees: Ja, iets wat mij bijvoorbeeld heel erg bijgebleven is, is ja, ik ging altijd brood kopen zeg maar daar en daar had je dan van die marktkraampjes aan de weg en wat mij op een gegeven moment opviel is dat ze heel verschillende tijden, ja, dicht waren. Dus op een gegeven moment ’s ochtends om 11 uur, ja, was die, stond dat kraampje er wel maar er zat niemand achter dus dan kon je niks meer kopen en dan om 3 uur ’s middags en ja, op een gegeven moment, ja, was ik toch zo brutaal genoeg om aan zo iemand, ze kunnen heel goed Engels, te vragen van joh, hoe komt het dat je niet elke dag tot 4 of zo hier zit? Hij zegt ja, joh, als ik mijn geld verdiend heb om mijn eten en drinken te kopen weer voor de dag dan vind ik het prima.

Bas: Dan stop ik, ja, ja.

Kees: En echt hè? Ja, net als hier in Nederland hè, dat 9 tot 5 en ja, dat is daar totaal niet en ja, dat is maar een voorbeeld maar ja, dat soort dingen zie je dan en dan ja, zeker toen ik, ja, toen was ik 18 of 19 jaar en dat was dan heel bijzonder dat, ja.

Bas: Ja, is grappig, ik heb op mijn 19e ook ontwikkelingswerk gedaan in Zimbabwe en Botswana weet je en wat mij ook opviel is dat mannen eigenlijk freaking lui zijn daar. Dus de vrouwen doen het werk hè, die dragen de baby’s die doen koken, die doen het hele huishouden runnen en de mannen die hangen maar een beetje de hele dag onder de boom zeg maar.

Kees: Ja, klopt, ja. Ja, het is een heel andere, ja, en dat is ook wel, hoe moet ik dat zeggen, ik ben een paar jaar later weer teruggegaan om eens te kijken, ja, gewoon als vakantie een beetje en ik had daar ook wat vrienden, ja, gekregen zeg maar en daar ging ik dan weer eens op bezoek en ja, en om te kijken hoe het daar dan gaat en wat je dan ook wel ziet hoe wij als Westerse beschaving zo’n land proberen te helpen. Dat is natuurlijk heel goed wat we doen, maar soms is het ook wel een beetje, hoe moet je het zeggen, water naar de zee dragen, dus ja, wij willen sommige dingen veranderen daar die daar gewoon niet in de cultuur zitten. Hè, we doen ook ontzettend veel goede dingen, maar er zijn ook wel dingen die we daar doen dat ik denk ja.

Bas: Ja, waarom.

Kees: Ja, nou ja, ja, ik snap het wel maar ja, ik vraag me af of het gaat werken.

Bas: Ja, ik denk dat je redelijk basic moet denken weet je. Ik bedoel wij hadden bijvoorbeeld allemaal zaden meegenomen en hebben dan geleerd hoe ze een tuin kunnen aanleggen en dan komen er tomaten, er komen zaadjes uit die kun je drogen en dan kun je ze weer planten en dan heb je een never-ending tomato cycle zeg maar.

Kees: Ja, ja, dat soort projecten deden we ook inderdaad, ja.

Bas: Ja, wel tof hoor.

Kees: Ja, zeker, ja, is echt geweldig, ja.

Leerzame periode

Bas: En de grootste les uit Kenia? Of in ieder geval wat is je echt, ja, wat je denkt ok, dit heb ik echt geleerd in die periode?

Kees: Ja.

Bas: Of beseft of whatever?

Kees: Ja, het is, ik heb enorm veel lessen geleerd. Ik moet wel zeggen dat, want mijn moeder die had er best wel moeite mee dat ik daarheen ging want die vond het toch best wel eng, maar mijn vader die had die kans gehad om naar Canada een half jaar stage te lopen toen die jeugdig was, maar toen had hij dat niet gedaan en dus ik weet nog goed dat ik thuiskwam en zei joh, ik kan naar Kenia en dat mijn moeder zei: wat? Nee. En mijn vader Ja? Ja!

Bas: Ja.

Kees: En ja, gewoon levenslessen hè, dus ja, ik heb bedelaars gezien maar ik heb ook hele mooie, net als in dat dorpje Kitui, daar zorgde iedereen voor elkaar. Dus je had daar geen pensioenstelsel, nou, WW hoef je al helemaal niet voor aan te kloppen daar, maar het is wel zo als mensen dan werkeloos waren of hè, het moeilijk hadden dan hielpen mensen elkaar en ja, het draaide gewoon veel minder om die economische drang en ja, dat, ja, misschien dat soort dingen weet je wel, dat je, ja, dat het niet alleen maar om geld gaat, maar wel om geluk en elkaar helpen en als je iets doet voor een ander krijg je dat misschien ook wel een keer terug en dat soort, ja, dat soort levenslessen zeg maar, ja.

Bas: Eigenlijk is er dan minder egoïsme dan als je het zo bekijkt dat ze meer in communities leven en voor elkaar zorgen weet je, ik bedoel…

Kees: Ja, maar het is wel heel erg per district afhankelijk hoor.

Bas: Ja, natuurlijk, in de steden is het waarschijnlijk anders.

Kees: Ja, ik kwam in Nairobi, dat zei ik al, dan kwam ik daar alleen om geld te pinnen en naar het internetcafé te gaan want in die tijd was in Kitui nog, ja, volgens mij het eerste internetcafé begon daar, waren ze aan het oprichten en ja, was gewoon een verschrikkelijke stad, smerig, mensen die reden je omver en ja, dat was gewoon, ja, daar had ik helemaal niks mee, dus, nee, dus ja, het verschilt wel per regio, maar Kitui was echt, ja, was een prachtige omgeving zeg maar hoe men, ja, en de mensheid zeg maar.

Fietstocht des doods

Bas: Tof, en beesten, heb je veel beesten gezien of niet?

Kees: Ik ben de laatste, ja, zeg maar laatste drie weken of zo heb ik een soort van vakantie genomen. Ik was wel blut dus ik had het eigenlijk aan het begin moeten doen, maar.

Bas: Ja, dan had je de rest van de 5 maanden geen geld meer.

Kees: Ik heb mijn ouders nog gesmeekt om een paar honderd euro, maar ik heb toen een safari gedaan in de Masai zeg maar, hè, tegen de grens van Tanzania. Ja, was prachtig en ik heb toen nog een weekje Mombassa gepakt zeg maar, dat is, ja, gewoon een strandvakantie.

Bas: Ja.

Kees: En ja, een van de, wat misschien wel leuk is, een van de merkwaardigste dingen die ik gedaan heb, misschien ben ik een van de enige Nederlanders, of in ieder geval een van de eerste die zo gek was om met de fiets van Nairobi naar Kitui te fietsen.

Bas: Oh, vet.

Kees: Ja, nou.

Bas: Oh, niet, gevaarlijk.

Kees: Ja, eigenlijk wel.

Bas: Met die beesten.

Kees: Maar, nou, nee, die beesten niet, maar rovers en ja, ik weet nog ik had mijn mobieltje wel bij, maar er waren dus, soms stopte ik en dan denk ik huh? Geen bereik hier. Ja, stel je voor dat je dan, kijk, dan waren er van die smalle weggetjes zeg maar waar, ja, als twee bussen tegen elkaar, of langs elkaar reden moest een echt wel in de berm zeg maar en daar zat ik dan op mijn fiets de berg op.

Bas: Ja, en hoe kwam je aan die fiets dan? Die had je gewoon geleend of zo?

Kees: Nou, ik vertelde dus mijn ouders over het idee, maar die hadden geen flauw idee, die dachten oh, die gaat van Rozendaal naar Breda fietsen of zo.

Bas: Hoe ver is die afstand dan?

Kees: Ja, ik weet het niet precies, maar ik weet dat tussen Nairobi en Mombassa dat was iets van 600, 700 km. Dan was je echt een paar uur onderweg met de bus.

Bas: En dat heb jij gefietst?

Kees: Nee, nee.

Bas: Oh, ik dacht al.

Kees: Dit was ongeveer de helft.

Bas: Oh ja.

Kees: Ja, dus maar ik heb gewoon een, ja, je had daar een hele, hoe heet het, Nakumatt, dat is de grootste supermarkt, een soort Carrefour in Frankrijk zeg maar.

Bas: Ja, ja.

Kees: En ik had daar een keer toen ik in Nairobi was een mountainbike gezien in zo’n supermarkt voor een Ali-Express prijs zeg maar.

Bas: Ja.

Kees: En ja, het leek me gewoon, ik had, ja, ik was nogal van de onbezonnen dingen dus en die studenten waar ik mee was die zeiden, ja, de hebben ongeveer een maand geprobeerd op me in te praten om het niet te doen, maar toen was ik naar Nairobi gegaan om geld te pinnen en toen had ik gewoon die fiets gekocht en ik was terug gaan fietsen.

Bas: Wow.

Kees: En ja, dat was echt bijzonder. Dus met 5 liter water op mijn rug en ja. Uiteindelijk doodziek in Kitui aangekomen, echt, heel ziek, ik was helemaal uitgedroogd en dat was echt een ramp.

Bas: Jeetje.

Kees: Maar aan de andere kant wel, ja, wel een bijzondere ervaring.

Bas: Ja, ik kan me nog herinneren, ik zat in Botswana in een lodge en toen dacht ik ja, ik ga even een rondje hardlopen weet je.

Kees: Ja.

Bas: Maar ja, dus ik ben ook echt, ik keek een beetje op de kaart, ah, dit driehoekje kan ik wel hardlopen weet je, maar ja, dus ik ging rennen en op een gegeven moment, weet je, steeds minder huisjes, steeds minder dingen en op een gegeven moment was ik echt in de middle of nowhere aan het rennen en uiteindelijk kon ik gewoon niet meer weet je, het was gewoon 38 graden of zo en ik kon gewoon niet meer en toen ben ik uiteindelijk, ja, was ik aan het lopen en was ik een beetje aan het proberen van ja, kan ik met iemand meeliften en toen uiteindelijk kwam er, stopte zo’n pick-up ding zeg maar, kon ik achterin springen en toen zei ik ja, hier is mijn lodge, daar moet ik heen. Maar die gasten zeiden: gast, als wij je niet hadden opgepikt hadden we waarschijnlijk alleen nog maar je schoenen teruggevonden want daar lopen dus gewoon supergevaarlijke beesten rond die je dus gewoon helemaal opvreten.

Kees: Ja, ja, een beetje hetzelfde met mijn route, daar had je heel veel bendes zeg maar die daar, en ja, als je daar als blanke eigenlijk overheen fietst, je bent, ja, het is eigenlijk gewoon een zelfmoordmissie bijna. En ik weet dat ik weleens stopte onderweg om extra water te halen want die 5 liter was natuurlijk na 100 km op, dan keken ze me wel raar aan, want dat is zo’n marktkraampje aan de weg en dan zagen ze mij met die fiets aankomen en dan vroegen ze al van joh, wat doe jij?

Bas: Ja, echt hè.

Kees: En toen heb ik ook wel verteld onderweg en hebben ze me ook voor gek verklaard en ja.

Bas: Ja, maar is wel een tof verhaal en een mooi avontuur.

Kees: Ja, ja, ik heb er geen spijt van.

Bas: Nee.

Kees: Het had wel anders af kunnen lopen denk ik, maar ja, goed, daar moet je niet bij stilstaan denk ik.

Bas: Ja, ja, tof. Nee, en toen kwam je terug in Nederland, ja, studie, daar, ja, dat vond je eigenlijk op een gegeven moment niet boeiend genoeg meer en toen ben je maar software gaan ontwikkelen.

Kees: Ja, nou ja, tijdens mijn studie was ik al best wel, eigenlijk in Kenia begon het een beetje dat ik heel veel interesse kreeg in software development en ja, toen ik terugkwam toen zei de school nou ja, hier heb je in ieder geval je niveau-2 diploma want we vinden het overdreven om je nog even, ja, dat half jaartje op school te houden en om, want ik wou zeg maar een studie gaan doen in software ontwikkeling, maar om die studie te kunnen doen moest ik eerst wat andere niveaus halen en dat ging over hele andere dingen, dus ja, daar ging het een beetje kapot zeg maar. Dus ik had extreem focus en interesse op software development, maar ik moest hele andere dingen leren voor school.

Bas: Oh ja.

Kees: En ja, toen strandde het een beetje eigenlijk, ja.

Bas: Ja, toen heb je maar eieren voor je geld gekozen?

Kees: Ja, nou ja, ik kon, nou ja, ik ben geen voorbeeldstudent. Ik was ook geen, ik moet zeggen geen onruststoker of zo of maar ik kon de motivatie gewoon niet opbrengen. Ik was gewoon met, ja, hele andere dingen bezig dus ja, op een gegeven moment zeiden mijn ouders van joh, dan stop je maar. Ook wel een beetje ontevreden zullen we maar zeggen want ja, die hadden toch gehoopt dat ik mijn opleiding had afgemaakt en ik had inmiddels toen ook al een baan dus ik deed werken en leren niveau 3 alleen ja, ik werkte als softwareontwikkelaar, maar ik moest dingen leren over hardware en dat soort dingen dus ja, toen ja, toen ging ik verder met werken eigenlijk.

Bas: Ja, en daarna voor een paar verschillende bedrijven gewerkt.

Kees: Ja, toen, ik heb trouwens hier heel dicht in de buurt nog gewerkt.

Bas: Ok.

Kees: Maar ja, inderdaad, verschillende bedrijven en ik had op een gegeven moment werkte ik voor een oud-compagnon maar toen gewoon in loondienst en ben ik weer teruggegaan en flink gejobhopt in de jaren erna zeg maar.

Dragracing

Bas: Ja, ja, en dat dragracen dat was een soort van droom van je, waar komt dat vandaan?

Kees: Nou ja, toen ik, ik weet nog goed toen ik 16 was, ik begon met een, ja, misschien ken je het wel, een Honda MT5, zo’n brommer.

Bas: De Honda Dream 2 ken ik, daar ben ik mee door Vietnam gereden.

Kees: Een Honda MT5 zullen sommigen wel kennen, maar dat is, ja, dat is een soort crossbrommerachtig ding zeg maar en die waren extreem populair volgens mij in 1980 zo of zoiets. En toen ik 16 was, nou, dat is inmiddels 18 jaar geleden of zo, toen ben ik daarmee begonnen en ja, ik had gewoon een bepaalde interesse in brommers en ja, dan begon je een beetje met opvoeren en dat soort dingen en toen met scooters want die brommer die begaf het op een gegeven moment na een half jaar en ik had de energie niet om dat ding te repareren dus toen kocht ik met mijn vader maar een scooter want omdat ik die nodig had om naar de school te rijden.

Bas: Ja.

Kees: En daar was ik ook continu mee aan het knutselen en toen waren er al scooter sprint, nou, wedstrijden wil ik niet zeggen, maar van die meetings weet je wel, dat een hoop jongeren bij elkaar komen en een beetje gaan racen tegen elkaar en was ook allemaal zo illegaal als wat en ja, toen had je wel een paar legale dingen, maar dat volgde ik toen nog niet zo, maar daar deed ik al een beetje, ja, mee wil ik niet zeggen, maar daar was ik een beetje bij aanwezig en ja, zo is dat een beetje, de interesse voor dat racen gekomen. Ja, ik was 19 of 18, ik verdiende geen rooie rotcent dus met mijn ouders, nou, geen haar aan hun hoofd denken om mij daar geld voor te geven want die vonden dat opvoeren natuurlijk helemaal niks. Dus toen ja, toen ging dat aan me voorbij en een paar jaar later toen ik dus wel het geld had zullen we maar zeggen toen ben ik begonnen en toen was het inmiddels ook legaal. Toen kwam er een stichting en die ging wedstrijden organiseren en dat soort dingen en toen ben ik daaraan mee gaan doen.

Bas: Cool. Ja, ik kan me nog herinneren toen ik zelf jong was weet je, ik heb zelf nooit veel scooters en brommers en dat soort dingen gehad, maar wel bij de hockey had iemand een scooter en ja, dat was vroeger super hip zeg maar om dan op te voeren en ergens een verborgen knopje te doen een als je dat ding indrukt dan gaat hij in een keer 80.

Kees: Ja.

Bas: En als de politie komt druk je hem snel in en dan op de rollenbank geeft hij gewoon netjes genoeg vermogen aan. Is dat ook wat jij deed of?

Kees: Nou, ik was het type dat, ik was toen ik 17 was of zo, ik had een scooter die heel veel lawaai maakte, maar eigenlijk voor geen meter vooruit kwam en ik had hele grote praatjes, maar.

Bas: Precies.

Kees: Nee toen dat wedstrijd rijden kwam was toen ik 24 was of zo en die scooter waar ik wel veel wedstrijden mee gereden heb die heb ik nog steeds.

Bas: Oh, cool.

Kees: Ja.

Bas: En die doet het ook nog steeds?

Kees: Nou, ik heb hem twee jaar geleden gestart bij ons op het bedrijventerrein en ongeveer na 5 seconden kwam er al iemand naar buiten die zei joh, doe even normaal. Want het maakt best veel herrie dus toen heb ik hem uitgezet en ja, toen nou staat hij ergens in een stelling op vak 12 of zo hoog en ja.

Bas: Maar dat racen met die scooters, hoe snel gaat dat dan?

Kees: Nou, het idee was je had verschillende klasses, maar ik zat in een klasse waarbij het zoveel mogelijk op een scooter moet lijken zeg maar en dan mocht je tot 70cc en een normale scooter is 50cc en ja, je had dan wat beperkingen. Een beetje Formule 1 achtig eigenlijk wel hè.

Bas: Ja.

Kees: En ja, even kijken, ik ging met, ja, tussen de 110 en 125 over de finish. Dus je startte vanaf stilstand, hè, dus gewoon stilstand en dan als hij groen ging dan ging je en dan 150 meter lang en dan ging ik na 150 meter met 120 ongeveer, 118 zo over de streep. Maar daar was het eigenlijk niet om te doen, het was te doen in hoeveel seconde je die afstand aflegde en ja, mijn beste tijd ooit is volgens mij 6,7 seconden of zo.

Bas: Ok.

Kees: Maar dat, ja, er zijn gasten die dat in 6,3 seconden doen en ja, de 100cc klasse met lachgas en het hele zaakje erbij die doen het zelfs in 5,5 seconden tegenwoordig, maar.

Bas: Wat doen ze met dat lachgas dan? Is een soort van straalmotormotor?

Kees: Ja, maar die hebben dan zeg maar 30pk volgens mij want dan mag je tot 100cc rijden en die rijden dan met een crossmotorcilinder van 125cc en die hebben ze dan weer teruggebust naar 100cc en nou, en er waren gaten bij die een heel eigen motorblok freesden uit de cc-bank, maar lachgas is dan, ja, dat is heel brandbaar, dus.

Bas: Oh, zo, dat doe je toevoegen aan de benzine.

Kees: Ja, alleen het probleem was eerst, als je lachgas bijspuit dan ga je van 30 naar 60pk bij de start. Ja, dat is eigenlijk niet te houden want die dingen gingen alle kanten uit. Dus toen had uiteindelijk iemand het voor elkaar met een of ander Amerikaans systeem om het trapsgewijs te doen en die is onder de 5,5 seconden gegaan.

Bas: Oh, wow, dat is snel.

Kees: Ja, en ik had dan trouwens als enige, want ik was toen al een beetje met IT en zo begaan, toen had ik zo’n computer op mijn scooter met een GPS-meter. Want ja, als je zeg maar, wij deden eerst op de wielen een sensor om te weten hoeveel seconden.

Bas: Hoeveel omwentelingen.

Kees: Ja, alleen dat werkte niet want blijkt, een keer had iemand een slomovideo gemaakt van zo’n wiel, dat de velg in de band draait de eerste meters, zoveel kracht. Dus dan lijkt het alsof je langzaam gaat, maar je gaat eigenlijk veel sneller. Dus toen had ik een GPS-sensortje gekocht voor veel te veel geld en die hebben we toen op die superdragster gedaan en die reed in 2,6 of 2,7 of zo naar 100.

Bas: Holy schmek, holy schmek.

Kees: Ja.

Bas: Ja, toevallig, je hebt die nieuwe Tesla Roadster die komt binnenkort uit en daar heb ik zo’n soort van random video had ik daar een tijd geleden van gedeeld toevallig op mijn LinkedIn. Ja, dat ding dat kan dus in 1,8 seconden naar de 100 of zo met een of ander jetpack erachter.

Kees: Ja, dat is echt bizar.

Bas: Dat was echt, ja, dat is wel echt vet hoor. Ja, maar dat zijn ook wel dingen waar jij van smult of?

Kees: Nou, als ik met zo’n auto thuiskom dan slaap ik denk ik buiten, maar.

Bas: Ja, maar ik bedoel dat je het cool vindt.

Kees: Ik vind het wel heel gaaf en ik rij graag een snelle, burgerlijke auto.

Bas: Ja, precies, ja.

Kees: Misschien een RS6 of zo, maar.

Bas: Ja, goed, met kinderen moet het allemaal een beetje veilig zijn en ja.

Kees: Ja, precies, ja.

Bas: Ja, cool man. Hé, maar daar begon je avontuur een beetje met je business eigenlijk want je was aan die scooters aan het sleutelen dus en ja, je denkt van hé, wacht even, net zoals in de Formule 1, alles moet zo licht mogelijk zijn.

Kees: Ja.

Vergelijking met Formule 1

Bas: Dus ja, wat ging je toen allemaal uitvogelen?

Kees: Nou, het kunstje was bij die sprints eigenlijk of een zo snel mogelijke motor hebben, of in ieder geval, daar was iedereen zich op kapot aan het focussen en mij lukte dat niet, dus want ik had daar gewoon minder affiniteit mee dus ik dacht ineens hé, als het lichter is dan compenseer je dat wel mooi. Dus ik ging mij helemaal gek focussen op het gewicht van de scooter zeg maar.

Bas: Ja.

Kees: En ja, toen ging ik op zoek naar een heel licht velgje en op een gegeven moment kwam ik dus inderdaad erachter, ja, ik was een beetje dat composietenwereldje hè, dat is de verzamelnaam voor polyester en epoxy en zo, ingedoken en kwam ik erachter dat carbon eigenlijk een van de lichtste materialen, het wordt gebruikt in hè, in de vliegtuigindustrie en Formule 1 en weet ik het allemaal en toen dacht ik nou, wie weet kan ik dat ook wel en toen ben ik mijn eigen beplating gaan bouwen want die scooter moest dus origineel lijken dus ja, je moest die zware kappen meesleuren zeg maar, dus toen kwam ik eigenlijk als een van de eersten tot de ontdekking dat die kappen die op zo’n scooter zitten ook gewoon 15 kilo wegen of zo.

Bas: Nee joh.

Kees: En ik heb dat toen teruggebracht naar een kilo of 3.

Bas: Oh, wow.

Kees: Met carbon. En 10 kilo scheelde ongeveer 1 of 2 tiende en ik kwam, ja, ongeveer een halve seconde tekort en ik had een heel licht voorvorkje dus ja, tot in extreme gewichtsbesparing, met een paprika minder kon ik een beetje de top een beetje bijhouden, maar ik heb nooit echt serieus meegedaan om de titel. Ik heb een keer ben ik tweede geworden en een keer derde of zo, maar ja.

Bas: Ja, maar dus je zegt rond de 10 kilo scheelde 2, 3 tiende.

Kees: Ja, ja.

Bas: Ja, dat is in Formule 1 natuurlijk niet veel anders, maar.

Kees: Ja, dat is een beetje hetzelfde idee hè.

Kleine details..

Bas: Ja, maar je hebt natuurlijk ook het gewicht van jezelf, dat telt natuurlijk ook heel erg mee. Dus was je helemaal afgetraind in die fase of was je daar heel erg op aan het letten?

Kees: Ik was wel wat magerder.

Bas: Ja.

Kees: Nou, ik woog toen 60 kilo of zo.

Bas: Wow, ja, dat is niet veel.

Kees: Nee, ik was toen ik de tweede keer in Kenia was, was ik heel veel afgevallen. Toen was ik ineens mijn gewicht beu en toen ging ik even een maandje op reis daaro en maar inderdaad, ik heb één keer volgens mij, want mijn scooter was op het allerlichtst 36 kilo, rijklaar, of 37, uit mijn hoofd, en toen woog ik zelf, ja, 60 kilo. Dus zat ik onder de 100 kilo. Ik was een van de eerste deelnemers die dus een complete set had onder de 100 kilo.

Bas: Oh, wow.

Kees: Ja, dus maar ja, aan de andere kant, het nadeel daarvan weer is weer dat je dus als je, ja, bij die sprints was het natuurlijk ook de kunst om niet achterover te vliegen.

Bas: Ja, dat geloof ik ja.

Kees: Dus want je mocht bij onze klasse mocht je niet zo’n frame erachter hebben die jou tegenhield zeg maar.

Bas: Ja.

Kees: Dat zie je weleens bij drag races hè.

Bas: Ja.

Kees: Dus ja, het is leuk dat je heel licht bent, maar ja, dan heb je dus daar weer problemen mee. Maar ja, ja, dat was een beetje de sport hè erachter.

Bas: Ja, sick hoor. En wat heb je allemaal aan dan? Heb je echt een heel pak aan net zoals, neem ik aan van wel toch?

Kees: Nou, ja, dat is heel naïef begonnen die wedstrijden, dus eerst in een spijkerbroekje en wel een helm altijd en handschoenen ook, maar de reglementen werden wel steeds, we hadden ook een eigen arts en zo en we hadden een vergunning van de gemeente en weet ik het allemaal.

Bas: Oh, wow.

Kees: Er gebeurde wel eens een ongelukje en dan leerde je daar weer van zullen we maar zeggen als stichting van oh, ja, misschien moeten we toch de regels aanscherpen en op een gegeven moment ja, volgens mij nu rijden ze tegenwoordig met racepakken en op een gegeven moment werd bodyprotectors verplicht en ja, spijkerbroeken die tegen scheuren kunnen of weet ik het, met dat kevlar erin of zo, maar ja, dus ja, er werd wel over nagedacht maar ik weet dat toen het racen net begon was het behoorlijk naïef zeg maar ja.

Productontwikkeling

Bas: Ja, en hoe ziet dat eruit als jij van carbon of epoxy of wat dan ook zo’n kap gaat maken? Maak je dan een of andere mal waar je dat overheen giet of zo?

Kees: Ja.

Bas: En dan wordt het hard en?

Kees: Nou ja, je maakt een mal van polyester, dus je hebt je originele kap zeg maar en ik maakte alles aan elkaar met polyester dus ik plakte alles aan elkaar en dan helemaal strak plamuren zeg maar en dan maak je daar een mal van en daar maak je de carbonversie.

Bas: Ah, juist.

Kees: En dan, ja, dat is ook geëvolueerd zullen we maar zeggen in de jaren bij mij. Eerst deed ik dat met de hand en daarna met vacuüm, door het vacuüm te trekken dan kan je nog lichtere combinaties maken en zo, en zo ben ik dat helemaal in, ja, ingerold zeg maar in dat composietengebeuren.

Dropshipping

Bas: Ja, cool, en hoe zag het toen eruit? Want hoe ben je toen eigenlijk de transitie gaan maken naar het dropshippen van dat spul?

Kees: Nou, ik was dus eigenlijk, ja, toen al jaren softwareontwikkelaar en ik had op de een of andere manier best wel veel, ja, interesse en affiniteit met e-commerce. Ik werkte toen al een beetje of ik bouwde toen webshops voor een oud-werkgever van mij en ik had gewoon een soort droom al misschien een jaar of twee jaar van nou, ik wil eigenlijk zelf een webshop beginnen en vooral om mee te experimenteren. Hoe werkt dat e-commerce? Dat marketing, Google Analytics, weet ik het allemaal en dus ik was eigenlijk een beetje al een jaar of zo op zoek naar een niche markt waar ik iets zou kunnen beginnen met een webwinkel en ik sparde daar heel veel mee over met mijn vader en ja, en op een gegeven moment zei hij van joh, waarom doe je het niet in dit materiaal? Want dat was toen eigenlijk niet te krijgen. Er was één webshop die inmiddels al niet meer bestaat, maar ik bestelde het bij een concurrent van mij inmiddels per mail. Dus hallo, ik wil dit en dat hebben en dan zeiden ze nou, maak maar dit over en dan stuurden ze het op per post zeg maar.

Bas: Ja.

Kees: En toen dacht ik al dit is onhandig, dit kan anders. En toen had ik het daar met mijn vader over toen zei hij ja, dan doe je dat toch gewoon? En ja, zo is dat eigenlijk een beetje gaan rollen zeg maar toen.

Bas: Cool.

Kees: Toen dacht ik nou, ik probeer het gewoon en ja.

Bas: Ja, dus toen is dat polyestershop.nl was toen al geboren.

Kees: Nou, toen ging ik, nou, op zoek naar ook, wat voor leveranciers heb je allemaal in dat fijnmazige, zeg maar in die kleine verpakkingen en toen kwam ik een leverancier tegen niet heel ver van mij vandaan en daar ben ik gewoon naar binnengelopen en gezegd joh, ik heb een idee en stel dat ik nou bestellingen binnenhaal en jij stuurt ze naar klanten. Nou, die was daar eerst niet heel huiverig voor want blijkbaar komt bij die chemische stoffen heel veel regelgeving kijken met betrekking tot transport en zo. Nou, ik weet nu inmiddels wel beter zeg maar.

Bas: Ja.

Kees: Maar toen zei hij van, dat weet ik nog goed, van joh, vind dan eerst maar eens een transportbedrijf die bereid is om dit te vervoeren in die hoeveelheden en voor een prijs die acceptabel is voor de consument. Want hij deed allemaal pallets versturen naar grote klanten en ja, dan maakt de transportkosten niet zoveel uit, maar ja, ik had een beetje de Coolblue droom zeg maar, dus ik dacht gratis verzending en dat soort dingen.

Bas: Precies.

Kees: Dus ik denk shit, 40 euro, ja, dit is gewoon mijn businessmodel was in een keer…

Bas: Down the drain.

Kees: Dus toen ben ik gewoon voor hem eigenlijk gaan bellen in heel Nederland naar allerlei transportbedrijven en toen had ik uiteindelijk iemand gevonden, toen kwam ik weer terug bij hem, ik zeg nou, en toen was hij heel verbaasd van huh? Ok, nou, goed, en toen zijn we zo begonnen met dropshippen eigenlijk.

Wet- en regelgeving

Bas: En wat zijn de speciale regelgeving hoe je dat moet versturen dat spul dan?

Kees: Ja, het transport van gevaarlijke stoffen dat valt onder de verzamelnaam ADR en dat is Europees geregeld hoe dat, ja, je hebt ADR, je hebt IATA dat is over lucht en dan heb je nog iets over zee geloof ik en je hebt regelgeving voor over de weg en dat bepaalt bijvoorbeeld, ja, je ziet weleens van die borden op de snelweg bij een tunnel, ADRC of zo en dan die mogen die tunnel niet in.

Bas: Oh ja.

Kees: Ja, dat is wel als je hele grote hoeveelheden hebt hoor, dus hè, als je een hele tankwagen hebt mag je dus niet zomaar volgens mij de Drechttunnel in als ik het goed heb.

Bas: Ja, maar als je een litertje in de kofferbak hebt liggen kan je gewoon doorrijden.

Kees: Als particulier mag je, dat zeg ik altijd tegen klanten, stop je auto maar vol met vaten, dat maakt allemaal niet uit. Als je aangehouden wordt dan is er ook niks aan de hand, maar als je als bedrijf dat doet dan, ja, dan word je wel, maar in ieder geval ja, je valt dan onder bepaalde regelgeving en ja, de verpakking waar je het in verstuurt moet bepaalde logo’s hebben, je moet een vrachtlijst meegeven, puntentelling bijhouden van hoeveel, ja, zeg maar hoe meer je in de vrachtwagen stopt hoe hoger het aantal punten is en boven de 1.000 punten moet je borden hangen. Dat zie je, misschien als je oplet op de snelweg dat je weleens van die borden met zo’n dooie vis op zo’n vrachtwagen ziet of zo’n brandbaar, vaak bij tankwagens zie je dat vaak. Nou, dat is dus ADR-transport en dan zit je boven de 1.000 punten, dan moet je die borden hangen en onder de 1.000 punten moet je alleen gecertificeerd zijn en dan moet je een of ander ADR-pakket aan boord hebben, zo’n brandblussertje en ja.

Bas: Cool.

Kees: Ja, zo werkt dat, ja.

Verkopen op marketplaces

Bas: Maar misschien een beetje forward, maar je verkoopt ook op market places zoals Amazon en bol en dan kun je dus nooit bij de fulfilment centers van die partijen liggen met je spul of wel?

Kees: Nou, bij bol zijn we trouwens mee gestopt, maar daar heb ik wel mee geëxperimenteerd maar wij doen best wel wat met Amazon en inderdaad, daar liep ik eigenlijk vrij snel tegenaan want wat wij deden is, of en we doen nog steeds, maar eerst deden wij heel veel fulfilment zelf, maar toen merkte ik al dat over de grens verkopen dan best wel lastig is want die Amazon klanten zijn natuurlijk allemaal hartstikke verwend met dat Prime en dat soort dingen dus toen dacht ik, ik was nog best wel naïef, ik dacht joh, ik gooi mijn hele voorraad met epoxy en polyester, mijn stoffen daar gewoon en dan gaan zij dat lekker Prime versturen, maar toen maakte ik mijn eerste FBR artikel aan en toen kreeg ik al meteen een melding oh, dit artikel is under review, hazmat review en toen kreeg ik een afwijzing natuurlijk en toen ben ik gaan onderzoeken van hoe dat zit maar toen bleek dat ze een of ander pilot program hebben, want Amazon heeft in Europa, in Amerika nog meer, maar een aantal speciale magazijnen geschikt voor gevaarlijke stoffen en ja, ze experimenteren met verkopers die dus gevaarlijke stoffen Prime willen verkopen en toen dacht ik nou, dat wil ik ook, dus ja, je kon je aanmelden via een of andere link voor hazmat storage zeg maar, dus om chemische stoffen op te slaan. Dus ik gedaan en toen kreeg ik vrij snel een afwijzing, of een ja, een soort standaard mailtje van nou, leuk dat je je hebt aangemeld, maar wij nodigen de mensen zelf uit dus je hoort het wel als het, als wij vinden dat je interessant bent en toen had ik ook op forums gelezen dat in Amerika is het nog een groter probleem want daar zitten al die, ja, die magazijnen allemaal vol dus daar nemen ze geen klanten meer aan, dus daar gaan seller accounts met hazmat approval gaan daar gewoon voor geld, ja, daar zit gewoon handel in zeg maar.

Bas: Oh, in de accounts.

Kees: Ja, in de accounts, gewoon een lege account.

Bas: Als iemand al approved is dan.

Kees: Ja, en die stopt met zijn business of zo die verkoopt gewoon zijn account zeg maar. Dus maar ik ging wel gelukkig wel steeds meer handel doen via Amazon en bij een bepaald volume kreeg je een soort account manager, een Indiër kreeg ik ineens en die belde me op en die kon gelukkig mij uitnodigen voor de program en sindsdien ja, zijn we toegelaten om gevaarlijke stoffen op te slaan bij Amazon onder zeer strikte voorwaarden, van sommige dingen weer niet en hoeveelheden en weet ik het allemaal, maar.

Bas: Ja, ja.

Kees: Ja, dat heeft wel een flinke boost gegeven zeg maar.

Bas: Nice, nice. Ja, want ja, jullie zijn in, wanneer zijn jullie begonnen? Ja, het ontstaan van die dropshippen is waarschijnlijk al heel lang geleden, maar.

Kees: In 2008 is een beetje, is het avontuur een beetje begonnen en ik weet ook in september, ik had eerst een OS-commerce webshop, misschien ken je dat wel?

Bas: Ja, ja.

Kees: Verschrikkelijke software.

Bas: Ja.

Kees: Daar ben ik mee begonnen in september 2008 of zo en ja, dropshippen heb ik een paar jaar gedaan, tot 2014 volgens mij en ja, tot die tijd, eigenlijk tot 2014…

Bas: Tussen 2008 en 2014 was je aan het dropshippen.

Kees: Ja.

Bas: 6 jaar lang.

Kees: Ja, weet je, die 6 jaar, er is heel veel tussendoor, want ik heb het bedrijf ook nog weer verkocht in die tijd en toen weer teruggekocht.

Bas: Oh, nice.

Kees: Dat was wel een leuk avontuur, maar ja, die 6 jaar was echt experimenteren, ermee spelen, ontdekken hoe e-commerce werkt.

Bas: Juist.

Dromen voor de toekomst

Kees: En ja, tuurlijk, want ik had nooit het besef dat het zo groot zou kunnen worden. Ik dacht, ik weet nog dat ik geroepen heb tegen een leverancier die dus dropshipte voor mij, daar kwam ik dan een keer in het half jaar op bezoek en die zei nou, Kees, wat is jouw droom? Hoeveel omzet zou je nou ooit willen doen met polyester. Toen zei ik nou, ik denk als ik ooit een half miljoen euro omzet per jaar doe dan…

Bas: Ja, dan ben ik wel het mannetje.

Kees: Zo, dan ja, dan heb ik mijn doel bereikt en dan doe ik nog wel andere dingen erbij en ja. En toen weet ik nog dat hij zei van nou, ik denk dat jij zelfs een miljoen kan doen. En toen dacht ik nog van nou, eerst maar eens zien. En dat was in 2012 of zo dus ja, maar goed. Ja, ik heb in 2010 of zo toen ben ik ja, met mijn oude compagnon, of ja, eigenlijk een werkgever, dus waar ik werkte als softwareontwikkelaar werd op een gegeven moment een compagnon. Hij zei nou, Kees, we gaan een BV oprichten, gooi ik wat webshops van mij in, jij brengt jouw webshop in voor jouw belang zeg maar en zo zijn we begonnen en nou, dat was geen gelukkig huwelijk of dat liep niet lekker en dus een jaar later spraken we samen af van nou, ik stop ermee. Toen ben ik een soort van uitgekocht en toen ben ik gaan freelancen als softwareontwikkelaar en die webshop, ja, daar had bij dat bedrijf niemand wat mee dus dat bloedde gewoon dood en toen in 2010 geloof ik of zo, 2011, toen benaderde hij mij weer van joh, Kees, ja, je weet wel polyester is een vreemde eend voor ons, het gaat niet zo goed met het bedrijf waar wij ja, met ons bedrijf, dus om wat liquiditeit te creëren willen we wat onderdelen verkopen zeg maar. Want ze hadden iets van 20 webshops. Het was een beetje het Coolblue idee zeg maar en ja, polyester was de meest gehate webshop binnen dat bedrijf zal ik maar zeggen omdat niemand verstand van het materiaal had en ze hadden een flinke schuld bij de leverancier inmiddels ontwikkeld en toen had hij een koper die wou het kopen en toen vroeg hij of ik wou helpen met de verkoop van polyester.nl. Was een beetje gek, maar dus ik in gesprek met die koper en hem verteld eigenlijk ja, weet je, mijn dromen was ik aan het vertellen van nou, als je het overkoopt moet je dit doen en dat doen en zo moet je, als ik het zou doen dan zou ik het zo en zo doen en nou, die gast helemaal enthousiast, die zag ook dat miljoen weet je wel, want toen deed het, ja, een tonnetje per jaar of zo of 1,5 ton.

Bas: Ja.

Kees: En toen nou, toen waren we bijna rond, overnameprijs afgesproken, ik had met mijn oude compagnon afgesproken van nou, ik kreeg een soort bemiddelingsfee, omdat ik hielp met de verkoop kreeg ik 15% of 20% van de verkoopwaarde en toen op het laatste moment kwam die meneer van ja, ik krijg het geld niet geregeld. Dus toen zat mijn oude compagnon weer met zijn handen in het haar van shit, en die leverancier die leverde al geen materialen meer want die was het helemaal zat en dus die webshop, ja, die bloedde heel snel dood zeg maar en toen ja, toen was ik al een paar weken aan het nadenken en toen had ik eigenlijk al spijt dat ik die webshop aan iemand anders aan het verkopen was. Dus toen zei ik tegen hem joh, eigenlijk wil ik het wel hebben en ik had natuurlijk een hele goede onderhandelingspositie want ik wist precies, ja, hoe de vork in de steel zat zeg maar dus toen heb ik afgesproken dat we gingen praten met de leverancier waar die schuld bij was want ik wou wel een soort toezegging van dat ze wel weer gingen leveren. Dus de deal was ik nam die webshop over voor een appel en een ei en ik nam de schulden ook over. Dan hadden zij zeker dat het afbetaald werd en zo is het avontuur weer herstart zeg maar.

Bas: Ja, ja.

Kees: Dat was in 2012 of zo, 2 jaar nog gedropshipt met die leverancier en toen in 2014 toen was ik het helemaal zat en toen dacht ik nou gaan we gewoon vol gas en toen eigen magazijn, eigen productie en toen deed ik nog maar 240.000 euro per jaar, zoiets. Het groeide wel lekker toen, op zich toen ging het wel een beetje, na die 2012 was een beetje de experimentele fase voorbij zal ik maar zeggen toen dacht ik nou, nu moet het echt een keer wat worden en al die ideeën die ik altijd had die was ik toen aan het uitwerken en een nieuwe website, die hebben we in 2013 of zo gelanceerd of iets en dat was echt wel, ja, zeker die tijd best wel modern dus ja.

Bas: Ja, en welk systeem was dat?

Kees: Helemaal zelf gebouwd.

Bas: Zelf gebouwd.

Kees: Sterker nog, ik weet dat ik nog best wel veel, ik wou er, eigenlijk wou ik zelf bouwen wou ik helemaal niet want ik freelancete 40 tot 50 uur per week, was softwareontwikkelaar en ik dacht ja, shit. Een van de slechtste ideeën die je als softwarebedrijf kan hebben is iets helemaal opnieuw bouwen.

Bas: Ja.

Kees: Had ik heel goed geleerd in al die plekken waar ik gewerkt had, maar dus ik had toen bij best wel wat bedrijven was ik gewoon langs geweest en gezegd joh, ik wil een webshop en hier en hieraan moet het voldoen en toen ben ik naar dat bedrijf in Breda geweest die Magento shops bouwde en toen had ik bijna het opnieuw laten bouwen in Magento, maar toch, ik moest allerlei concessies doen want ik was best wel een gedreven softwareontwikkelaar dus ik was toen al bezig met ja, moderne searchtechnieken en performance moest allemaal supersnel zijn en dan zei die gast van ja, maar Magento, ja, daar zitten toch wel weer nadelen en dit. Ja, toen, ik kon het gewoon niet weerstaan om het toch zelf te bouwen en toen, die 20.000 euro wat ik dan zou betalen heb ik gewoon betaald aan een front-end ontwikkelaar die dus het heel voorkantje gebouwd heeft, die inmiddels weer werkt bij ons, maar en de achterkant heb ik zelf gebouwd in mijn avonduren, maar daar heb ik zoveel tijd aan besteed. En ik zou het zeker niet opnieuw doen misschien, maar ja, uiteindelijk hebben wij, het is een zelfbouwend systeem op basis van het Symphony 2 framework, mar dat zegt je misschien niet zoveel maar en ja, met toen destijds E63 weet je wel, dat hoe heet het, responsive.

Bas: Ja, ja.

Kees: Dat was helemaal hip toen.

Bas: a, ja.

Kees: Nou, en daar was ik echt wel, daar liep ik toen echt heel erg vooruit in de tijd mee, zeker in die markt waar wij zaten.

Bas: Ja, ja, tof zeg.

Kees: Ja.

Ontwikkeling door de jaren heen

Bas: Maar ja, je bent dus, wat zei je? 2008 begonnen, dus je bent al 12 jaar eigenlijk een beetje aan het ups en downs met de business en vanaf 2014 tot 20 heb je eigenlijk echt de groei doorgepakt.

Kees: Ja.

Bas: En in 2014 had je, dus toen ben je eigenlijk de transitie van dat dropshippen naar eigen levering, magazijn, allemaal dat soort dingen.

Kees: Ja, ik weet nog goed dat, ik had, ik beschouwde polyester, dat zei ik altijd, als experiment. En mijn vader destijds die deed nog de administratie en ik had t/m nou, sterker nog tot 2017 dat was de eerste keer dat ik salaris kreeg van het bedrijf en een winstuitkering was in 2018 geloof ik uit mijn hoofd of 2017, en al dat geld wat ik, want ik verdien, ik moet eerlijk zeggen dat dropshippen dat was wel winstgevend.

Bas: Ja, maar dat is trouwens wel goed om te benoemen weet je, heel veel mensen die denken dat ze starten in de e-commerce en dat ze zeg maar meteen miljoenen omzet doen en zelf alleen maar onder een palmboom hoeven te liggen.

Kees: Dan zal ik je uit je droom helpen.

Bas: Exact, jij en ik weten allebei wat er nodig is om überhaupt die business op dat niveau te krijgen wanneer je jezelf dus gaat uitbetalen en jij zegt 2017 ging je salaris betalen, toen was je er bijna 10 jaar mee bezig, 9 jaar was je ermee bezig.

Kees: Ja, kijk, ik verdiende natuurlijk goed met het freelancen hè, dus anders had ik misschien wel iets eerder, maar ja, mijn accountant zei op een gegeven moment joh, bij de belastingdienst krijgen we het niet meer voor elkaar om jou vrij te pleiten voor dat bestuurlijke salaris. Ja, je moet 44.000 euro verdienen tegenwoordig of zo.

Bas: Ja, ja.

Kees: Dus ja, we moeten echt, we gaan wel argumenteren aan de belastingdienst dat jij maar één dag in de week werkt. Toen kreeg ik 700 euro bruto of zo en maar in ieder geval ik had in de jaren dat ik succesvol dropshipte, dat was zeg maar van toen ik het overkocht t/m de eigen voorraad, de herstart zal ik maar zeggen, toen maakte ik wel winst en dat weet ik nog goed, toen ik ging leveren uit eigen voorraad met eigen productie, dat was redelijk spot on van ik weet dat ik mijn toenmalige compagnon erover sprak en ik zeg joh, we doen het gewoon en ik had 20.000 euro volgens mij of 25.000 euro had ik op mijn spaarrekening, dat deed mijn vader elke keer netjes op de spaarrekening zetten van het bedrijf, want toen kreeg je nog rente op je spaargeld en dat heb ik er in een week doorheen gejaagd aan voorraad, inventaris en want er moest een printer komen van 1.500 euro en nou ja en weet ik het allemaal. Maar ik had zoiets van joh, dat geld dat beschouwde ik niet als van mij zeg maar dus het was gewoon experimenteel geld. Ik dacht of het wordt nooit wat of we gaan gewoon vol gas dus in één keer goed en ja, zo is dat begonnen zeg maar die herstart zal ik maar zeggen.

Personeel

Bas: Ja, ja, tof zeg. En met hoeveel man zat je toen in die beginfase en hoe ziet dat nu eruit?

Kees: Nou, in die beginfase toen in 2014 met één iemand. Ja, en later is daar Herman, mijn compagnon bij gekomen.

Bas: Die heeft zich ingekocht.

Kees: Ja, ja, die had ik, die had een optie zeg maar want die wou zich wat later inkopen en die heeft in 2016 is hij officieel, volgens mij 2016 is hij officieel aandeelhouder geworden.

Bas: Ja.

Kees: Ja, en dus ik had één iemand en mijn vrouw die was werkeloos geworden ergens in die jaren, dat was ook wel best wel moeilijk werk te krijgen in de financiële administratie en toen is zij de financiën gaan overnemen van mijn vader en nog steeds, dus.

Bas: Oh wow.

Kees: Ja, maar volgens mij officieel was Wendy, mijn vrouw, zelfs eerste werknemer denk ik.

Bas: Ja.

Kees: En dus maar ja, volgens mij vanaf 2016 toen waren we met zijn vieren of vijven en eigenlijk t/m 2017 toen werkte ik eigenlijk dus nog steeds parttime voor polyester. Dus een dag in de week ging ik daar naartoe want ik had meetings of zo of weet ik veel, ging ik lanterfanten daar.

Bas: Precies.

Kees: En ik weet dat Arne een van mijn eerste collega’s die sprak ik best wel vaak, die zei op een gegeven moment joh, Kees, er loopt hier al 10 man rond, misschien is het wel gezellig als je hier wat vaker bent en toen in 2018 was ik al zoveel met de zaak bezig toen heb ik tegen mijn opdrachtgever destijds gezegd waar ik freelancete van joh, ik stop ermee, ik ga volledig in de zaak.

Bas: Ja, en hoeveel man zit er nu dan?

Kees: Ja, FTE is iets van 25.

Bas: Oh, wow.

Kees: Er zijn dagen dat er, vooral in de Coronapiek zal ik maar zeggen toen we echt ontzettend veel orders hadden toen liepen er weleens 30 man rond of 35.

De leukste tijd als ondernemer

Bas: Ja, en als je terugkijkt, wat vond je zelf de leukste fase?

Kees: Ik vind dit jaar wel een redelijk leuk jaar ondanks alle Coronatoestanden zeg maar, want ja, privé vind ik het dan wel minder in dat opzicht, maar ja, het jaar zelf, toen niet, maar als je achteraf terugkijkt, bijvoorbeeld 2016, volgens mij zijn we toen 140% of 150% gegroeid, ja, dat jaar vond ik het waarschijnlijk niet leuk, maar achteraf, ja, dat was gewoon, ja, toen hebben we zulke stappen gemaakt en zijn er zoveel bijzondere dingen gebeurd en zoveel uitdagingen gehad die we overwonnen. Dat jaar draaiden we nog volop verlies geloof ik. Dus ja, dat was gewoon een, ja, in dat opzicht een heel bijzonder jaar zeg maar.

Bas: Ja, over dat verlies gesproken weet je, kijk, als je kijkt naar whatever, top 100 e-commerce van Nederland hè, zelfs Coolblue volgens mij maakt iets van 3% winst of zo en bol maakt niet eens winst, maar dus en hoe zit dat op dat polyesterspul dan? Die winst is pas echt heel laat gekomen toen jullie echt substantiële omzetten deden, is het ook een paar procent of heb je het over tientallen procenten wat er onderaan het streepje staat?

Kees: Nee, nee, voor het grote geld had ik beter kunnen blijven freelancen, maar ik weet dat ik in 2014 begon en toen had ik nog een beetje winst omdat ik nog eigenlijk bijna het hele jaar aan het dropshippen was en 2015 bam, 8.000 euro verlies meteen of 10.000 euro. Nou, dat was voor die omzet van 2 ton dat jaar of zo of 3, ik weet het niet meer precies, maar was dat behoorlijk heftig en ja, ook weleens hè, dat ik begon te twijfelen want ik heb volgens mij ook iedere keer geld bijgestort en toen in 2016 hadden we al of 2016, ik zei net verlies, maar volgens mij 2016 hadden we het eerste jaar winst, 800 euro.

Bas: Ja, ja, precies, daar ging de vlag voor omhoog.

Kees: Ja, nou, dat was heel bijzonder. Volgens mij was dat, ja, 2016, want het eerste jaar was 2015 toen hadden we heel veel verlies en 2016 hadden we dus winst en 2017 was eigenlijk procentueel het meest winstgevende jaar ooit en dat was volgens mij net boven de 10%.

Bas: Oh, wow.

Kees: Maar ik moet zeggen de laatste jaren is het, ja, ergens rond de 5%.

Bas: Ja.

Kees: Kijk, ene kant kan je heel veel terrein winnen doordat wij qua volume veel groter zijn geworden. Ik bedoel ja, toen kocht ik 2.000, 3.000 kilo epoxy per jaar in en nou meer als 100 ton hars al in dus ik denk 200 ton combinatie zeg maar. Maar ik heb me misschien ook wel een beetje vergist in allerlei overhead en dingen die erbij komen kijken.

Bas: Ja, voorraad.

Kees: Ja, voorraad en rentelasten.

Bas: Ah, man.

Kees: Verzekeringen, ja, pas geleden een of andere testapparatuur gekocht, zo’n kastje, 7.000 euro om kleur te meten van onze epoxy zeg maar en ja, je moet je ook bedenken hè, je wordt steeds professioneler als bedrijf omdat je groeit en er wordt ook meer verwacht van je en ook hè, je zou zeggen dat bijvoorbeeld een milieudienst beoordeelt iedere ja, polyesterverkoper hetzelfde, maar in de praktijk vind ik dat niet zo. De grote jongens krijgen het echt wel zwaarder voor hun kiezen.

Bas: Natuurlijk.

Kees: Toen ik, want wij hadden bezoek van de milieudienst in 2017 al geloof ik en die komen af en toe controleren en de warenwet en de Arbo, een heel zaakje, maar toen kon ik beter onderhandelen met hun van nou, we zijn hard aan het groeien, ja, ik weet dat het nog niet helemaal ok is want wij hadden dan zo’n consultant die dan onderhandelde voor ons, geef ze even een jaar en dan hebben ze dat geregeld, dan zijn ze wel goed. Maar nu, ja, je hebt 2 maanden de tijd en anders dan sluiten we de boel gewoon.

Bas: Wow.

Kees: Ja, en dat soort druk en ja, dat komt er allemaal bij kijken als je groter wordt.

Bas: Ja, het is niet meer zo dat je ze met een fles champagne en een taart naar huis kan sturen.

Kees: Nee, dat kon ik in 2016 nog proberen, maar nu vinden ze me nu ineens een omkoper, ja.

Bas: Ja, je hebt natuurlijk best veel regelgeving.

Kees: Ja, ja.

Ondernemer of manager?

Bas: Hé en als die tent zo groeit hè, op een gegeven moment word je iets minder ondernemer, word je meer manager of niet?

Kees: Nou, ik denk dat ik daar hè, dat is misschien mijn zwakte ook wel, ik worstel daar best wel mee en ik denk dat dit jaar wel dat ik iets meer aan mijn bedrijf werk zoals ze dat hè, een clicheetje, maar als in mijn bedrijf, maar ja, ik moet zeggen we hebben ook weleens coaches gehad, maar ik vind niks lekkerder als op een vrijdagochtend dan ik begin altijd heel vroeg, om half 7 samen met de jongens in het magazijn even een Amazon palletje in elkaar te zetten.

Bas: Juist.

Kees: Om dat lekker even te picken met een karretje en dan zelf te boeken en zo. Natuurlijk, daar zijn mensen zat voor in het bedrijf die dat ook kunnen en graag willen doen, maar soms dan vind ik het gewoon lekker en nou, sterker nog, van de wee volgens mij, maar ik vind het ook weleens lekker om even orders in te pakken en dat doe ik een uurtje dan en ja, dan spreek ik weer mensen en dan zeg ik, dn zie ik ook problemen waar zij mee lopen en ja, dus ik moet zeggen dat ik, dat is misschien het grootste nadeel van dat ik fulltime ben gaan werken voor Polyester, toen ik het parttime deed toen werkte ik veel in de trein zeg maar en onderweg en ´s avonds en weet ik het allemaal, toen werd ik ook echt genoodzaakt om aan het bedrijf te werken. Ik had niet eens de tijd om in het bedrijf te werken en dat is een beetje het gevaar wat nu wel op de loer ligt zeg maar nu ik vanaf 2018 volgens mij, of 2017, ja, of twee jaar nu zo, drie jaar fulltime voor Polyester werk, dan je laat je snel in de operatie meezuigen zeg maar. Hè, dus je gaat snel micro-managen, bemoeien met dingen en af en toe het wie, wat, waarom hè, dan kom je weer, dan ben je ’s avonds thuis en dan denk je waar ben ik eigenlijk mee bezig? Weet je wel. Ja, ik heb mensen die daarvoor, die loop ik nu voor de voeten en ja, dat, daar worstel ik wel mee.

Bas: Ja, ik zeg het ook een beetje uit mijn eigen ervaring hè, ik bedoel, ik ging ook van ja, tot 30 man groeide ik door en ik werd helemaal gek van het managen en ik heb geprobeerd om daar een CEO op aan te nemen en dat ging ook eigenlijk verkeerd dus ja, er komt dan een bepaalde fase dat het geprofessionaliseerd moet worden of zo en dat je goede managers nodig hebt en dat je zelf weer vrijkomt voor creativiteit en groei en van bovenaf kijken in plaats van dat je, ja, iemand op kleine dingetjes aan het aanspreken bent of zo weet je.

Kees: Nou, ik denk dat mijn jeugd daarin misschien wel dwars zit. Ik ben, hè, of dwarszit, ik wil het niet als negatief bestempelen, maar hè, vanuit huis uit mijn ouders waren, kijk, die hebben een bedrijf gehad, volgens mij op het hoogtepunt 10 man in dienst of zo of 9, iets in die richting en die werkten altijd ontzettend mee in de zaak. Mijn vader bijvoorbeeld ’s ochtends ging die naar de veiling om 5 uur ’s nachts en dan komt hij terug, ging hij een vracht rijden naar klanten en dan ging hij ’s middags de administratie doen. En ja, mijn moeder ook die werkte in de snijkeuken en het personeel een beetje aansturen en zo, maar dei hebben altijd in het bedrijf gewerkt en ja, dat heb ik heel erg vanuit huis meegekregen dat je gewoon ja, dat je best wel, ik ben best wel nuchter denk ik en ja, ik hou er ook wel van gewoon met de rest mee te werken zeg maar en ik vind dat aan het bedrijf werken, ik weet dat het moet en ik zie daar ook wel de noodzaak van, maar ik vind dat heel lastig, ik vind dat heel, ja, het voelt toch een beetje als in een ivoren toren zitten en ja, nou.

Bas: Ja, snap ik, dat is super moeilijk en ja, ik denk dat je er goed aan doet om de juiste mentoren of coaches of whatever erbij te betrekken die daar eens kritisch naar kunnen kijken hoe je dat kan aanpakken.

Kees: Ja, maar ik vind het wel heel belangrijk dat je altijd lol moet hebben.

Bas: Zeker, dat is eigenlijk het belangrijkste.

Kees: Wat coaches ook zeggen of wat ik ook lees op het internet of wat ik ook zie of wat dan ook en ja, natuurlijk, er zullen vast wel dingen zijn die ik als ondernemer, als groeiondernemer niet goed doe, maar ja, dan is dat maar zo. Als ik het lekker vind om eens een keer een pallet in te pakken of mee te helpen in de productie of weet ik veel wat dan doe ik dat gewoon want het is mijn leven en mijn bedrijf en ja, maar ondertussen probeer ik dan wel wat wijze lessen op te pakken, maar ja, ik probeer daar wel mijn eigen ding in te doen.

Vakantie?

Bas: Ja, en ga je weleens op vakantie?

Kees: Ja, ja, nee, mijn vrouw die steekt daar wel een stokje voor, maar nee, ja, ik vind dat wel, ja, ook met de kinderen fijn. We zijn natuurlijk wel nu aan de schooltijden gebonden. Vroeger gingen we weleens buiten het seizoen, maar nu…

Bas: Ja, helaas.

Kees: Wat dat betreft ook een heel burgerlijk leventje, lekker naar Frankrijk, stacaravan en ja, dit jaar dan niet, zijn we naar Zeeland geweest.

Bas: Ja.

Kees: Maar goed, ja, nee, we gaan twee keer per jaar of drie keer misschien hè, een weekendje weg, mid-weekje en dan in de zomervakantie wat langer.

Bas: Wat langer.

Kees: Maar ja.

Bas: Ja, lekker.

Kees: Maar dat is wel belangrijk hoor.

Bas: Ja, precies.

Kees: Het moet wel, wat ik wel de laatste twee drie jaar lukt het me steeds beter om af te sluiten van de zaak. Ik weet wel, ik heb weleens af en toe gedoe of ruzie gehad met mijn vrouw van ja, dan was ik op de zaak, of op de zaak, op vakantie aan het bellen om een order te doen van 10 ton hars of zo en dan ja, daar heb je toch mensen voor?

Bas: Ja, waar ben je nou mee bezig?

Kees: Hang die telefoon op en dan ja, ze pakt hem nog net niet uit mijn hand. En op een gegeven moment dacht ik ja, ze heeft ook gelijk ook. Ik was met mijn gedachten, ja, het is niet alleen dat belletje, maar na dat belletje dan ben je weer aan het nadenken of ja, ik was gewoon, ja, en nu probeer ik dan zeg maar voordat ik op vakantie ga dan stuur ik al een mail naar iedereen van jongens, ik ga dan, want ja, ik kan het niet anderen kwalijk nemen dat ik ineens op vakantie ben en dat ze dan mij nog steeds gaan bellen want die worden gewoon ineens aan hun lot overgelaten het personeel. Dus nu doe ik twee weken tevoren van ik ga dan en dan op vakantie, zijn er vragen? En ik ga met iedereen even een gesprekje aan en kijken of er nog dingen zijn die misschien tijdens de vakantie, en ik maak Arne, een collega van mij die was een soort interim-CEO mijn laatste vakantie voor het eerst, vond hij hartstikke leuk.

Bas: Ja, ja.

Kees: En hij was de enige die eigenlijk met mij contact onderhield tijdens de vakantie.

Bas: Precies, slim.

Kees: Dus hij deed elke dag opzichten en dan stuurde hij elke dag aan het einde van de dag een soort rapportage van dit is er allemaal gebeurd op de zaak en als je dan echt concrete vragen had dan stelde hij dat en ja, dat was wel superfijn.

Bas: Mooi. Ja, en dat is een goede test zeg maar als je een paar weken weg bent of whatever hoe lang en dat je dan een lijst maakt met alle vragen die je nog krijgt en dan moet je eigenlijk gaan nadenken van ok, hoe kan ik er nou voor zorgen dat ik de volgende keer deze vragen niet meer krijg en zo optimaliseer je je business eigenlijk voor jezelf.

Kees: Ja, ook, je beseft je eigenlijk, of ja, je moet je als ondernemer denk ik altijd ja, hoe heet het, misbaar maken, niet onmisbaar maar misbaar hè. Dus dat het bedrijf gewoon, en dan komen we eigenlijk weer helemaal terug op die eerste, die drie maanden te leven nog.

Bas: Ja.

Kees: En dat zou ik het belangrijkste vinden, natuurlijk, Polyester is geen familiebedrijf of zo, maar ik zou het wel, ja, ook voor het personeel en voor mijn compagnon heel belangrijk vinden dat stel dat er zoiets zou gebeuren maar dat het gewoon doorgaat en niet dat het in elkaar stort of zoiets. Ik wil niet onmisbaar zijn.

Bas: Ja, nee, dat was ook grappig, ik heb een keer een tijd geleden was ik in Amerika en daar was ook een gast on stage en die zei ook je bent eigenlijk pas succesvol als je misbaar bent in je business. Dus dat punt zeg maar daar wil je het liefst, ja, ik bedoel, natuurlijk als je klein bent dan ben je nog allemaal dingen aan het pielen, maar als het wat groter wordt dan is dat de graadmeter zeg maar. Dat is eigenlijk, ja, als jij dus ja, een weeklang je telefoon uit hebt staan en je bent niet bereikbaar, wat gebeurt er dan zeg maar en…

Kees: Ja, dan gaat het vaak beter dan dat je misschien zou denken.

Bas: Ja, zeker, zeker. Ja, als je slimme mensen in dienst hebt wel ja.

Kees: Ja.

Bas: Ja, ja, zo is het toch?

Kees: Ja, ja. Maar ik moet zeggen ook dat ik het laatste jaar er ook wel heel erg van geniet als ik mensen in het bedrijf coach of dingen zie bereiken, hè, zich zie ontwikkelen en ik vind niks leuker als mensen faciliteren dus ik zeg ook altijd voor de grap tegen collega’s van bij mij moet je alleen maar komen als het geld gaat kosten.

Groeien

Bas: Ja, precies, ja. Hé en die groei richting die 8 miljoen die jullie hebben bewerkstelligd zeg maar, waar zit volgens jou het belangrijkste groeipunt of factor in die voor die groei heeft gezorgd? Is dat gewoon meer advertentiebudget, meer landen? Of is het meer dan dat?

Kees: Het is, kijk, er was de, toen wij begonnen, of toen ik begon met Polyester toen was er eigenlijk had je watersportwinkels en je had ja, één webshop en ja, in de jaren erna wel wat meer webshops, maar ook die webshops waren niet ja, was niet, waren niet de Coolblues en de bol.coms zullen we maar zeggen en ik weet dat ik in 2008 ontzettend opkeek, ik kende ook ja, iemand die daar in het bestuur zat, niet Pieter Zwart maar iemand anders, die is inmiddels weg wel.

Bas: Ja.

Kees: Maar ik keek ontzettend op tegen Coolblue en ik had altijd het idee om, natuurlijk, Polyester wordt geen kopie van Coolblue, althans dat hoop ik niet dat mensen dat vinden, maar ik heb wel daar veel dingen van…

Bas: Inspiratie uitgehaald.

Kees: Inspiratie uitgehaald en ja, in de composietenwereld zeg maar, de webshops die er waren was het gewoon compleet normaal dat als je iets bestelde dat je het pas na een week kreeg of daar werd heel erg van uitgegaan dat de klant die het afnam wel wist hoe die met de materialen moest werken en ik ben het gewoon compleet anders gaan benaderen. Ik heb ook, ja, vanaf een jaar of 4 geleden, 5 geleden toen we echt die groeispurt in gingen zei ik ook altijd van joh, onze verantwoordelijkheid houdt niet op bij het verzenden van een bestelling.

Bas: Ja.

Kees: Hè, dus er is veel meer belangrijk, dat de klant het ontvangt dat is sowieso belangrijk.

Bas: Juist, ja.

Kees: Dus als de klant zegt dat hij het niet heeft gehad, hup, een nieuwe sturen of als er iets mee is of wat dan ook en niet in discussie gaan en maar ook wij proberen tot op het obsessieve ervoor te zorgen wat die klant ook gaat doen met onze materialen, of dat nou een caravan repareren is of een zwembad aanleggen of een vloer leggen of nou, verzin het maar, wij vinden het eigenlijk heel belangrijk dat dat gaat lukken.

Bas: Juist.

Kees: En natuurlijk kan je zeggen ja, hij koopt de grondstoffen bij ons en hè, ja, we hebben wat informatie op de site maar daar houdt het bij op. Nou, wij vinden dus van niet, wij hè, ja, wij proberen in ieder geval die klant dan later nog te benaderen en te vragen joh, is het allemaal gelukt? En heb je nog tips nodig of soms doe ik ook wel, ik spreek nog weleens een klant van als een klant dan belt en die wil een vloer leggen en ik merk dat dat een onzeker iemand is of iemand waarbij ik misschien wel twijfels heb of die dat kan dan probeer ik ook gewoon eerlijk te zijn tegen zo’n klant van ja, hou hier rekening mee, zus rekening mee en ja, dat is denk ik polyester shoppen, ja misschien ook wel het obsessieve van Coolblue hè, volledig focussen op de klant, alleen dan ja, op een hele andere manier natuurlijk, maar en natuurlijk ik weet dat wij als eerste gewoon voorraden op de site hadden gezet. Dus ja, je kon bij ons vier jaar geleden al zien nou, we hadden zoveel blikjes op voorraad. Bestel je voor 5 uur of 6 uur heb je het de volgende dag in huis.

Bas: Ja, tof.

Kees: En dat was heel raar voor de concurrenten, die, ja, en die beginnen dat nou ook allemaal wel een beetje te doen, maar ja, daar zijn wij ook wel zo’n beetje, ja, dat had ik ook van Coolblue weet je wel, dat snelle leveren en ja.

Belangrijkste verkoopkanaal

Bas: En je belangrijkste afzetkanaal nu dan? Is dat nog steeds je webshop of begint Amazon echt wel aan te trekken?

Kees: Nee, Amazon, ja, hè.

Bas: Of dat hangt er nog bij.

Kees: Ja, als je kijkt naar het volume is het, zou je het nog als experiment kunnen zien en we zijn ook een beetje zoekende geweest, we doen Amazon ook niet zo heel lang hoor, volgens mij 1,5 jaar toen begon het, een marketing stagiair bij ons die had eigenlijk zonder mijn toestemming iets op Amazon gegooid en toen verkochten we ineens drie van die blikjes per week of zo en toen dacht ik hé, dat is wel interessant en toen heb ik hem gewoon een beetje zijn gang laten gaan en zo is dat, en toen op een gegeven moment, ja, heb ik dat wel een beetje, ja, toen hij ook wegging overgenomen en toen dacht ik nou, toen heb ik er een soort van project van gemaakt, er wat mensen bij betrokken. Nou, we gaan Amazon gaan we mee experimenteren en als het nou zo en zo groeit dan gaan we ermee door en dus toen zijn we, ja, en eerst deden wij heel veel distributie via Amazon van merken, van andere, ja. Alleen ja, ik heb jouw boek geloof ik nog niet gelezen, maar wel van iemand anders en ja, de eerste les die je leert is dat je…

Bas: Eigen merk.

Kees: Ja, eigen merk.

Bas: Precies.

Kees: Ja, nou, en bij ons eigenlijk is dat onze kracht gewoon want wij hebben [01:04:45] dat is ons merk zeg maar en daar zijn we ook heel groot geworden via ons eigen kanaal, dus ja, het is eigenlijk heel gek dat ik dat niet deed via Amazon. Had ook wel te maken met die gevaarlijke stofopslag, maar ja, daar zijn we nu heel erg op aan het focussen, op eigen merk inderdaad en we hebben wel wat merken die we verdelen via Amazon, maar ja, er hoeft maar een concullega te zijn die denkt nou, ik kan het voor een dubbeltje goedkoper.

Bas: Ja, precies, dan begint de race natuurlijk, ja.

Kees: Ja, de race to the bottom zeg maar dus qua volume, even denken, is het nog ja, 5% van onze maandelijkse omzet denk ik. Zeg maar dus 5% van onze omzet, ja, 5% tot 10% gaat via Amazon.

Bas: Ja.

Kees: Maar het groeit wel, volgens mij dit jaar zegt Amazon als je die opent dan zie je hoeveel procent je groeit ten opzichte van vorig jaar, dat is gemiddeld rond de 140% dus dat gaat wel lekker hard.

Bas: Ja, precies, ja, lekker man. Nee, tof, hé, we gaan langzaam afronden. Heb ik iets moeten vragen of heb ik iets niet gevraagd wat ik moest vragen? Of wil je nog iets delen? Wil je gewoon nog even een reclamespotje erin van polyestershop.nl of?

Kees: Nou, we gaan misschien wel een vloer leggen bij jou in je studio.

Bas: Ja, dat zou leuk zijn ja.

Kees: Nou, ja, weet je, ik kan wel een hele middag vol krijgen, maar ja, ja, ik denk dat we het interview wel een beetje zegt hoe het leven gelopen is zeg maar.

Bas: Ja, mooi.

Kees: Ja, ik heb er nog elke dag heel veel plezier in en wij willen met Polyester lekker doorgroeien naar 20, 25 miljoen in een paar jaar en internationaal inderdaad steeds meer gaan betekenen. We worden wel, ik denk dat de retail wel wat gaat veranderen de komende jaren hè, met al die grote marktplaatsen op komst.

Bas: Zeker, absoluut.

Kees: Dus ja, daar zijn we natuurlijk als bedrijf zijnde wel mee bezig, dat houden we nauwlettend in de gaten want we zijn ook best wel retailbedrijf of ja, e-commercebedrijf dus wij kopen gewoon dingen in en verkopen dat hè, natuurlijk met advies en noem maar op, maar we zijn ons wel denk ik steeds meer aan het focussen op ons eigen merk.

Bas: Slim.

Kees: Ja, daar gaan we gewoon aan verder bouwen de komende jaren.

Bas: Ja, naar mijn idee bouw je daar je bedrijfswaarde ook op weet je. Als jij weet ik veel hoeveel miljoen op je eigen merk doet, ja, dat is gewoon veel geld waard.

Kees: Ja, ja, ik denk dat de helft van wat wij aanbieden eigen merk is.

Bas: Ja, slim, ja, en de kwaliteit is beter dan het A-merk moet je dan zeggen ook hè.

Kees: Nou, het grote voordeel is, en dat is toen ook de reden geweest om het bedrijf helemaal anders te doen in 2014, hè, om eigen productie, of ja, eigen productie te doen, wij doen zelf afvullen zeg maar en nu produceren we wel wat dingen, maar je hebt regie over de kwaliteit en dat is heel belangrijk. Dus dat kon ik me toen nog niet voorstellen, maar we hebben nu allerlei meetapparatuur en we meten vergeling van epoxy en we meten de kleur en hè, we hebben zelfs een laborant.

Bas: Cool.

Kees: En ja, ik bedoel, als jij dropshipper blijft of hè, dan heb je daar geen invloed op. Het enigste wat je kan doen is afscheid nemen van een merk en een ander merk gaan importeren of verdelen, maar ja, tot zover je controle, of misschien een beetje invloed wat je uit kan oefenen, maar ja, dat is het voordeel van eigen merk dat ja.

Bas: Cool, tof man. Nou Kees, dank je wel man voor het delen van je verhaal, ik vond het superleuk en ja, wellicht tot later.

Kees: Ja, wie weet.

Bas: Yes, thanks man.

Kees: Dank je wel, doeg.

Bedankt voor het luisteren naar de Ondernemen op Slippers podcast. Check voor meer informatie ondernemenopslippers.nl. Tot de volgende keer!

Bas: Yes! Nou, dat was Kees Schepers, van een stage in Kenia tot een succesvolle business in polyester. Check polyestershoppen.nl als je meer over, nou ja, ik weet niet of er ook meer over je staat. Heb je nog, nou, zoek gewoon Kees Schepers, dan kun je hem volgen, kun je een vraag stellen via LinkedIn of wat dan ook.

Kees: Ja.

Bas: Check it out en ik zou zeggen weer tot de volgende podcast!

Place comment