Slippertje 37: Van bodybuilding naar online business met John Slabbekoorn & Jeanet Wolf
21 December 2020 

Slippertje 37: Van bodybuilding naar online business met John Slabbekoorn & Jeanet Wolf

Apple podcast

Hartelijk welkom dames en heren! Deze week een primeur in de Ondernemen Op Slippers podcast, een duo interview! John Slabbekoorn en Jeanet Wolf zijn deze week te gast, samen hebben zij een transitie gemaakt naar een online business. Dit maakte hun droom, om locatie onafhankelijk te werken, werkelijkheid.

In deze podcast vertellen John Slabbekoorn en Jeanet Wolf onder andere over:

  • Hoe zij elkaar ontmoette op vakantie
  • De breuk in de rug van Jeanet Wolf en hoe dit uiteindelijk leidde tot een verandering in mindset
  • Bodybuilding en de bijbehorende routines
  • De transitie van een offline- naar een online business
  • Én waarom John Slabbekoorn een inzinking had op Bali

Laten we snel gaan luisteren naar deze ondernemers op slippers met onwijs toffe verhalen! Let’s go!!

Podcast transcriptie

Bas: Dames en heren, vandaag in de Ondernemen op Slippers podcast twee personen, schrik niet, als je dit via audio hoort ga je dadelijk twee verschillende stemmen horen, dat zijn John en Jeanet. Zij zijn eigenaren van Lifestyle of Business en al hun producten heten Op Slippers. Dus onder andere hebben ze de MBA op Slippers en dat was de reden hoe wij in contact zijn gekomen. Ze zijn getrouwd op Hawaii, Jeanet was paardentrainer maar brak haar rug, begon daarna een sportschool en een diëtistepraktijk. Beide hebben ze ook bodybuildingwedstrijden gedaan en op bodybuilding gezeten. John zat in de civiele techniek, nam ontslag om samen met Jeanet te gaan ondernemen. Uiteindelijk namen ze het vliegtuig naar Bali waar ze drie maanden gespendeerd hebben maar op dag 2 kreeg John al een inzinking, hij dacht: is dit het nou? Welkom, John en Jeanet!

Jeanet: Dank je wel.

Je schuift je shit opzij, en voelt je vogelvrij, je runt je business op je slippers en dat maakt je blij.

Bas: Op slippers hè!

Jeanet: Altijd.

Je droom is werkelijkheid, bent van de stress bevrijd. Je kraakt de code van het leven met zekerheid.

Bas: Ok, jongens, tof dat jullie er zijn. Voor het eerst dat ik hier twee mensen ga interviewen, of in ieder geval het gesprek mee aanga, laat ik het zo zeggen, dat zijn John en Jeanet. Welkom sowieso.

Jeanet: Dank je wel.

Wat zouden John Slabbekoorn en Jeanet Wolf doen..?

Bas: Ik stel altijd één vraag in het begin, hè, dus nu moet ik twee keer een antwoord krijgen. Wat zou je doen als je nog 3 maanden te leven hebt?

John: Ga jij maar eerst.

Jeanet: Nou, op reis gaan, zeker op reis gaan, ja, en gewoon nog een beetje, Hawaii, ik zou gewoon 3 maanden op Hawaii gaan zitten.

John: Ja, dat is wel een goeie. Eén ding is wel lullig, we hebben dat trouwens ook helemaal nog nergens verteld buiten de familie om en 1-op-1 klanten, alleen 3 maanden zou precies verkeerd uitkomen want onze Jeanet die is nu zwanger.

Jeanet: Ja.

John: En dat duurt ongeveer nog 4 maanden.

Bas: Ja, ok, maar wat zou je doen, het wil niet zeggen dat het nu nog 3 maanden is hè, het kan ook, ja.

Jeanet: Ja, als het kind geboren is, ja, precies.

John: Dat zou jammer zijn. Nee, maar daar ben ik het wel mee eens, dan zouden we naar Hawaii gaan.

Jeanet: Ja, dat is leuk.

Bas: Hawaii ja?

Jeanet: Zeker.

John: Ja, dan zouden we onze tijd, we willen ook graag op Hawaii gaan wonen later dus dan gaan we gewoon onze tijd daar spenderen.

Bas: Precies, ja, mijn volgende vraag is dan waarom ga je niet nu al naar Hawaii? Dus ja.

Jeanet: Nou, daar zijn we al een paar keer ook geweest, maar je kunt niet zomaar heel makkelijk op Hawaii gaan wonen, dat is best ingewikkeld. Dus dat is meer voor een iets langere termijn plan. We hebben, wij reizen wel veel en we willen nu eerst graag een huis in Spanje, dat kun je ook relatief makkelijk wel kopen en dan kunnen we daar, we willen heel graag zo’n boerderij met allemaal van die dieren en een beetje gewoon op zo’n rustige plek en we willen ook graag dan dus een plek op Hawaii. Die staat wat later omdat dat dus gewoon een heel stuk ingewikkelder is en uiteindelijk nog een andere plek, derde locatie hebben we nog niet bepaald, maar dan hebben we gewoon naast Nederland ook in het buitenland drie plekken om in te rouleren. Ja, dat lijkt ons echt ultiem.

Bas: Ja, maar en dan als je daar niet bent staat het leeg of zo of is het dan airbnb een beetje verhuren?

Jeanet: Ja, verhuren, ja.

Hawaii

Bas: Dat soort fratsen, ja. Maar wat is er zo mooi aan Hawaii? Wat is er zo bijzonder? Ik ben er nooit geweest, nog niet in ieder geval, maar zijn het de mensen, is het de cultuur, is het het eten, is het een combinatie van alles?

Jeanet: Nou, het eten dat is voor ons in principe altijd hetzelfde, dus dat–

Bas: Dat is kut of goed?

Jeanet: Fantastisch, we maken het zelf, ja.

John: Ja, vrij saai ook.

Jeanet: Ja, gewoon heel simpel, routines hebben we best wel.

Bas: Gewoon rijst en kip of?

Jeanet: Bijvoorbeeld, havermout en eiwitpoeder, ja, precies. Ja.

Bas: Oh ja, daar gaan we het dadelijk ook nog even over hebben.

Jeanet: Nee, maar Hawaii is, hoe het eruitziet is onvergelijkbaar met echt met alles. We hebben, Mauritius komt in de buurt, maar is toch nog steeds heel anders. We zijn op Kawai getrouwd en supergroen, echt helemaal jungle-achtig, maar dan hele mooie witte stranden en het is een bepaalde luxe die je er hebt, maar tegelijkertijd wel heel knus en heel gezellig waar je in Bali is dat hele knusse gevoel en meer dat hippiedeel heb je daar natuurlijk ook, ook fantastisch, maar daar missen we dat luxe wel een beetje en bijvoorbeeld LA, nou, daar zijn we maar kort geweest, maar dat is dan weer heel erg dat luxe, afhankelijk waar je bent natuurlijk, maar daar is dat gezellige en dat natuurlijke weer niet. Dus Hawaii is echt wel de perfecte combi en ik denk ook omdat we er getrouwd zijn dat we bevooroordeeld zijn.

John: Het is iets geromantiseerd misschien ook wel ja.

Getrouwd

Bas: Ja, ja, maar goed, ik begreep dat jullie alleen met zijn tweeën getrouwd zijn? Althans misschien was er iemand bij die dan het een en ander voorlas of zo?

Jeanet: Iemand moet dat doen.

John: De priester ja, en de fotograaf.

Bas: Ja, precies.

John: In 2014 was dat. Wij hadden gewoon, ik zal het gelijk even vertellen, het was begin, nee, 2013 waas dat, dat zoals alles bij ons gaat vrij simpel hè, wij zitten dan ’s ochtends op een zondagochtend met onze badjas–

Jeanet: In onze bodybuild carrière nog.

John: En we waren in voorbereiding op een bodybuild wedstrijd. We zaten daar met havermout, gewoon heel simpel, hé, het is misschien wel handig als we dit huis willen kopen dat we gaan trouwen. Ja, dat is wel waar ja. Ok, zullen we dat dan op maandagochtend gratis doen? Ja, zou kunnen. Of zullen we het op Hawaii doen? Ja, dat zou ook kunnen. En toen was het nou, Hawaii klinkt eigenlijk wel beter, we kijken wat de mogelijkheden zijn. Nou, 24 uur later was het geregeld, hadden we het geboekt en was het klaar.

Jeanet: Ja.

John: En toen 3 januari 2014 toen was het zover, toen stonden we op Hawaii op het strand.

Jeanet: Iets eerder waren we er al heen.

John: Was wel magisch, 3 januari was ook de datum dat wij in 2006 besloten verkering te nemen dus dat was ook een mooie datum.

Bas: Ja.

John: Dus 8 jaar later en ja, stonden we daar met zijn tweeën. we hadden ook geen zin in familie mee te nemen, we hadden ook niet de financiële middelen daarvoor trouwens.

Bas: Nee.

John: En ja, toen stonden we daar, 5 uur ’s middags, zonsondergang.

Jeanet: Te laat op ons eigen trouwen.

John: We waren ook nog te laat ja.

Jeanet: Alles ging mis.

John: We hadden file, het is een klein eiland, maar–

Jeanet: Nee, nee, we gingen, nee, we gingen wandelen. Wij zouden nog weleens eventjes de beste hike van het hele eiland doen voordat we ’s avonds gingen trouwen. Dus wij liepen daar door die jungle en het waren allemaal van die bochtjes waar je omheen moest en er was, zeiden ze, een waterval. En ik ben helemaal weg van watervallen, rivieren en beekjes. Dus ieder bochtje hadden we net weer niet die waterval. Ik zo ah, nog ff, de volgende, de volgende. Maar we gingen zo vaak de volgende dat we op een gegeven moment een uur of 3 denk ik aan het wandelen waren en toen moesten we ook nog dat zelfde stuk terug en we hadden nog 1,5, 2 uur in totaal voordat we zouden gaan trouwen op het strand en nog moesten omkleden en hè, al dat soort dingen. Dus ja, toen hebben we die waterval uiteindelijk niet gevonden.

John: Nee.

Jeanet: Zijn we ja, eigenlijk best wel snel teruggegaan, vaak gevallen dus we zaten vol met krassen door alle takken en echt op onze bek gaan.

John: Super gehavend ja.

Jeanet: Geen tijd meer om te douchen dus we hadden onze spullen bij elkaar ge, ja, gepakt, gerend en alles gedaan. Toen zaten we in de auto en had ik ook, we vlogden alles, dus had ik mijn benen ook op de video gezet, helemaal vol schrammen. Ja, ik zag er echt niet uit, en toen hadden we ook nog wat verkeersopstopping.

John: Ja, en toen op de parkeerplaats voor het strand toen hebben we ons nog staan te verkleden.

Jeanet: In onze onderbroek, ja, moest alles aan. Maar iets verderop, was wel grappig, stond ook de auto van de priester, die stond ook in zijn onderbroek want die moest zich ook nog verkleden.

Bas: Ah, mooi, mooi.

Jeanet: Ja, en toen was het allemaal wel wat te laat. Maar kwam wel goed.

John: En uiteindelijk was het goed gekomen. Het was ook maar een kwartiertje of zo want ja, als je met zijn tweeën bent met de priester gaat het vrij snel.

Bas: Ja, ja, precies.

John: En toen op dat moment hadden we al besloten over 5 jaar, 3 januari 2019 op ons jubileum staan we hier weer en dan met onze naaste familie.

Bas: Juist.

John: En dat hadden we toen bedacht en dat geloofde niemand van onze familie.

Jeanet: Nee, maar ze geloven nooit wat van ons.

John: Nee, maar het is wel gelukt en uiteindelijk 3 januari 2019 stonden we daar ook.

Jeanet: Nadat we ieder jaar zeiden hé, wel even vrijhouden hè die periode want we gaan naar Hawaii. Ja, ja, moeten we nog maar zien. En zelfs dat jaar ervoor nog terwijl wij dachten ja, maar de tickets zijn eigenlijk een soort van bijna geboekt dus het begint nu echt wel serieus te worden.

Bas: Cool.

John: Ja, dat was wel tof ja en toen waren we daar met heel de familie, allemaal Ford Mustangs gehuurd, allemaal witte Ford Mustangs en een hele grote Jeep en toen reden we daar over het eiland heen.

Bas: Ja, vet, vet. Ja, mooi, ik wou al zeggen, ik bedoel dat eerste trouwen, ik wou al vragen heb je het gelivestreamd, maar ik hoorde al het woord vloggen voorbij komen dus gelukkig hebben we de recordings nog.

Jeanet: Zeker.

Bas: Het was echt en daarna hebben jullie het nog over gedaan. Maar dus trouw je dan, je trouwt daar niet officieel voor de Nederlandse wet of wel?

Jeanet: Ja, ook.

Bas: Jawel? Ok, oh, wow.

Jeanet: Ja, was allemaal gewoon gefixt. Dus het duurt dan wat langer, half jaar volgens mij voordat het dan echt doorgevoerd was.

Bas: Oh ja.

Jeanet: Maar wij hadden dat via zo’n organisatie en die regelen dat en we hadden er niks geen werk mee. Ja, ideaal. Je komt gewoon opdagen en het is klaar.

De jeugd van John Slabbekoorn en Jeanet Wolf

Bas: Ja, tof, tof. Een paar stappen terug, ik vraag me ook meer af jullie komen nu uit de buurt van Drenthe geloof ik, ik vraag me een beetje af waar jullie allebei een beetje zijn opgegroeid, hoe dat eruitzag en nou ja, hoe jullie uiteindelijk zijn samengekomen. Dus misschien kan een van jullie daar wat over vertellen?

John: Ja, dat is wel een leuk verhaal. Het was 2005, de zomer van 2005, we gingen naar Oostenrijk op vakantie. We kenden elkaar natuurlijk helemaal niet want we woonden aan de andere kant van het land, Jeanet in Drenthe, ik in Hoeksche Waard onder Rotterdam en ik moest nog mee van mijn ouders en ik was 16 dus ik had er helemaal geen zin meer in, ik wilde helemaal niet meer mee op vakantie, ik wilde gewoon werken, ik wilde geld verdienen. We hadden het niet over veel geld, maar goed, ik wilde geld verdienen.

Bas: Ja, ja.

John: En ja, moest toch mee, nog één keer, dat was echt de allerlaatste keer, nog 2 weken. Ok, dus we kwamen in Oostenrijk in echt zo’n wintersporthotelletje alleen het was zomer en wij zaten daar.

Jeanet: Allemaal oude mensen.

John: Ja, echt, alleen maar oude mensen dus ik vond er al geen reet aan en wij waren er al een tijdje en toen was dus daar Jeanet met haar ouders en met haar broertje, kende ik nog niet. We zaten daar te eten en mijn moeder die wilde graag mij aan een vriendin helpen had ik het idee dus die zat zo: is dat niet wat? Is dat niet wat? Maar ik was daar niet mee bezig want ik was een hele stoere jongen op dat moment.

Bas: Ja.

John: Tenminste, met terugwerkende kracht valt het tegen.

Jeanet: Niet zo.

John: Maar toen dacht ik dat en toen ja, nee, is veel te oud. Toen dacht ik dat Jeanet 18 of zo was en ik was 16 ik denk dat word niks, dat word niks. En andersom was het een beetje net zo hè aan tafel. Dus jullie zaten ook een beetje over ons te spreken en toen was het volgens mij was het zo gegaan, ik weet het niet meer zeker, Jeanet haar broertje die ging aan mijn zusje vragen.

Jeanet: Ja, ik vroeg aan Paul, ja.

John: Paul, haar broertje, hé, willen jullie met ons komen zwemmen? En ja, wij durfden dat blijkbaar niet aan elkaar te vragen.

Jeanet: Nee, we waren erg zwak.

John: Ja, dus een dag later waren wij daar in dat lokale zwembad samen, gingen we zwemmen, en dat is wel lullig, het eerste wat ik vroeg van Jeanet, nou, even de naam natuurlijk, is handig om te weten, ik zeg en waar kom je eigenlijk vandaan? Uit Drenthe. En ik had de allereerste gedachte, dat sloeg eigenlijk nergens op, maar de allereerste gedachte, goh, dat is veel te ver, dat wordt niks. Dus vandaaruit, nou, we zijn wat gaan zwemmen, wat gaan klieren in het zwembad. We hadden slechts 3 dagen nog want 3 dagen later zou ik weggaan. Ja, en toen gingen we ’s avonds rummikubben en spelletjes spelen en het was allemaal super kneuterig en Jeanet die wilde uiteindelijk de laatste avond heel graag met me zoenen, tenminste, dat hoorde ik later pas want ik had het helemaal niet door want ik was daar helemaal niet mee bezig.

Bas: Precies.

Jeanet: Maar ook echt overduidelijke hints ook gewoon, dat snapte hij helemaal niet.

Bas: Ja, jij wilde het zoenen liever overslaan en misschien meteen het echte werk gelijk.

Jeanet: Hou op haha, zeker niet.

John: Ik zou dan heel stoer kunnen zeggen dat is waar, maar nee, dat was absoluut niet waar.

Jeanet: Nee.

John: Nee, er was echt dus helemaal niks gebeurd, hoe graag jij dat ook zou willen.

Jeanet: Ja.

John: En vandaaruit, we moesten afscheid nemen, ik had mijn telefoonnummer gegeven, in die tijd was het nog sms, WhatsApp en zo was er nog niet.

Jeanet: Het enige wat ik dacht: daar hoor ik nooit meer wat van.

John: Nee, maar ik had jou beloofd, ik zeg als ik in Nederland ben, want anders was het te duur denk ik, dan sms ik jou. Dus ik had dat gedaan en jij kwam een dag of 7 later de grens over en toen had ik dus die sms en nou, vandaaruit kan jij vertellen hoe jij dat ervaarde natuurlijk.

Bas: Oh, wow.

Jeanet: Nou, ik weet dat niet exact meer van die sms per se, maar ik weet wel dat inderdaad toen wij er aan tafel zaten mijn moeder die had direct al die dag gezegd oh, ik denk dat dat een blijvertje is. Ik denk ik ken die gast helemaal niet. Hoe weet je dat nou? Nou, en toen hadden we wat ge-sms’t, we deden ook veel MSN en mail deden we ook, Hyves, nou, weet je wel, super ouderwets.

Bas: Oh ja, ja.

Jeanet: En toen hebben we afgesproken op een gegeven moment in de kerst, in de kerstvakantie zou hij bij ons komen van dat jaar.

John: Ja, want ik heb er ongeveer wel 5 maanden over gedaan om aan het idee te wennen om überhaupt naar Drenthe te gaan met de trein.

Jeanet: Hij heeft veel denktijd nodig.

John: Ja, eigenlijk altijd wel hè? Ja, maar toen was het dus kerstvakantie, ik denk nou, laten we dan gewoon eens een keer afspreken in het echt om te kijken hoe dat dan is. 2 januari, ik weet het nog goed, 2 januari 2006, net na Oud en Nieuw kwam ik in de trein, jij kwam me ophalen van station Zwolle.

Jeanet: Ja, Zwolle.

John: Was best wel ongemakkelijk of zo.

Jeanet: Ik was super zenuwachtig.

John: Ja, ook dat, en ik zou 1 nachtje gaan maar het was eigenlijk dusdanig leuk dat ik gelijk de hele week ben gebleven.

Bas: Oh, lekker.

John: En toen hebben we ook maar besloten ah, misschien kunnen we ook wel verkering nemen. 3 januari, leuke datum? Ja, 3 januari. Nou, en eigenlijk zodoende hebben we daarna 5 jaar of zo elk weekend dat we in de trein zaten.

Bas: Oh wow.

Jeanet: Heen en weer en dan had je soms maandag het eerste uur vrij en dan konden we langer blijven, dat was fantastisch.

John: Ja, dan was het geen 2 nachten maar 3 nachten.

Jeanet: En je hebt stage gelopen toen nog bij ons in de buurt.

John: Ja, dat was weer wat later inderdaad. We waren dus, we waren nog 15 en 16 hè, dus we waren echt nog wel super jong, we zaten nog op school. Maar daarna ging ik studeren in Rotterdam dus toen waren er al iets meer mogelijkheden ook met de trein en zo. Ja, en vandaar uit dat een jaar of 5 gedaan en toen kon ik ook stage lopen in de buurt bij Jeanet dus dat was gelijk een goede kans om een half jaar daar te wonen.

Bas: Precies.

John: Bij Jeanet haar ouders ook in. Nou, dat was super goed gegaan, was ook leuk. Ja, en vandaaruit, ja, zijn we eigenlijk helemaal vergroeid met elkaar.

Passie voor paarden

Bas: Mooi, mooi, en dit was ook de fase dat jij met die paarden bezig was of niet?

Jeanet: Ja, eigenlijk rijd ik al paard sinds ik een jaar of 6 ben en vanaf mijn 14e, 15e dat veel mensen ook vroegen, ik had eigen paarden, kun je mijn paard trainen? Kun je mij eens helpen? En ik was daar goed in. En nou, toen op mijn 18e ongeveer dacht ik daar kan ik misschien ook wel mijn bedrijf van gaan maken, in ieder geval geld voor gaan vragen en toen heb ik een opleiding paardenhouderij gedaan en ondertussen had ik dat bedrijf was ik aan het opbouwen. Dus ik kreeg eens wat trainingspaarden bij ons thuis of bij mijn opa en oma was dat nog op de boerderij en dat werd meer en groter en de bekendheid werd ook groter en ik had nooit zo heel veel met school. Ik vond het altijd een beetje zonde van mijn tijd want ik denk ja, ik kan dan ook geld verdienen zeg maar ondertussen en die opleiding die duurde maar weet ik veel, 2 of 3 jaar of zo, dus die heb ik ernaast gedaan zodat ik ook zou weten hoe kun je een pensionstal opbouwen of een manege, dat zijn dingen die je daarmee kon en nou, dat trainen dat werd meer en beter en eigenlijk was het plan om tot mijn 30e, ik ben nu 30, dus tot mijn 30e dat te doen en ik had wel altijd al in mijn hoofd mocht ik een keertje een ongelukje krijgen en mijn vinger of mijn hand breken, klein dacht ik, dan moet ik wat achter de hand hebben. Dus ik was ondertussen ook met voeding en diëtetiek al bezig om nou ja, ik vond voeding gewoon interessant dus ik denk ik kijk wel of ik daar wat mee ga doen of niet, maar dat paarden trainen dat ja, dat werd groter, we zouden in 2012, nee, 2011 waren we bezig met de pensionstal bouwen, Paddockparadijs, helemaal mooi natuurlijk, waren we aan het aanleggen met heuvels en vijvers, supergaaf en toen in de zomer van 2011, of zeg ik dat nou fout.

John: 12 geloof ik.

Het ongeluk..

Jeanet: 12, 2012, toen viel ik van zo’n trainingspaard af, was echt mijn beste en mooiste trainingspaard dat ik ooit had gehad tot dan toe, maar daar viel ik van af want hij ging naar links en ik niet en toen brak ik mijn rug. En dat was echt letterlijk het moment dat ik niet meer kon doen wat ik altijd deed want ik kon en niet naar school gaan want ik moest 6 maanden revalideren. Ja, paarden trainen ging natuurlijk ook niet met een gebroken rug.

John: Ja.

Jeanet: En dat was voor mij wel het moment dat ik, nou, eigenlijk besloot: dan ga ik als ik dat half jaar toch op bed lig met een korset om en alles.

Bas: Ja, ik wou net zeggen, is dat niet mega frusterend als je gewoon, zat je gewoon, zit je dan in het gips?

Jeanet: Ja, gewoon je hebt een korset zeg maar dus dat zit dan, ik had dan een ding hier want ja, je moet wel kunnen ademen, dus gips beweegt niet dus je hebt dan een plaat hier en hier.

Bas: Dus boven je borsten zeg maar tot beneden.

Jeanet: Ja, hier en dan op je rug ook, afhankelijk van waar het dan gebroken is. Dus je wordt helemaal geforceerd in een bepaalde houding en ik had heel erg geluk gehad want als het net een millimetertje de andere kant op was gegaan dan was het zeer waarschijnlijk verlamming geweest.

Bas: Ja, van de zenuwbaan die dan in je ruggenmerg zit, ja.

Jeanet: Ja, het zat in die zin op een gunstige plek op een ongunstige plek zeg maar en dus het advies was ook wel doe wel rustig want je wilt niet dat het alsnog gaat zweven dat stukje bot zeg maar, want dat kan natuurlijk ook schade aanrichten en nou, een half jaar op bed gelegen en ja, dat was de grootste overwinning per dag was lopend, strompelend naar de wc kunnen na een tijdje. En ja, dat was het. Maar dat was natuurlijk super saai.

Bas: Ja, inderdaad.

Jeanet: Dus en ik denk nou, dan heb ik veel tijd want ik zag er ook wel weer het voordeel van in.

Bas: Ja.

Jeanet: Dat was nog op het moment dat ik in die ambulance lag, dat zei mijn moeder later, ik zat vol met morfine dus ik heb geen idee meer wat ik allemaal zei, goh, zei mijn moeder, je was heel blij want je kon eindelijk tijd maken om je receptenboek te schrijven. Dus dat is waar ik het alleen maar over had. Dus dat paardenverhaal was best wel snel gewoon, ja, afgerond. Ik moest natuurlijk de klanten mededelen dat ik zou stoppen, dat weet ik nog, dat deed ik vanuit het ziekenhuis. Ik zei ja, ik moet stoppen.

Bas: Ja, je stuurde een foto en je zegt volgens mij is het duidelijk.

Jeanet: Ja, het gaat niet meer, sorry, ja. Dat is toen vrij snel afgehandeld. Het pensiongedeelte is wel gebleven uiteindelijk, dus met de verhuur van de stalling en toen in dat half jaar een receptenboek geschreven, ik denk nou, dan kan ik ook wel workshops gaan geven want ja, dat kan ook zittend eventueel. Dus ik ben thuis in de kamer voedingsworkshops gaan geven en vandaaruit eigenlijk gewoon direct mijn nieuwe bedrijf gestart want ik denk ja, ik moet toch wat doen want de opleiding voeding en diëtetiek kon ik ook niet heen want ik kon niet reizen. Dus dat is eigenlijk hoe heel abrupt mijn eigenlijk wel paardencarriëre die in de stijgende lijn zat en wat eigenlijk gewoon mijn hele soort van 10-jarenplan was, ja, om zeep geholpen werd toch leidde naar nieuwe mogelijkheden van waaruit de rest weer is ontstaan.

Het beste dat je is overkomen?

Bas: Ja, en nu zie je als je er nu op terugkijkt zie je dat misschien als het beste wat je is overkomen of hoe moet ik het zien?

Jeanet: Ja, ja, het is zo’n kantelpunt. Er zijn altijd meer, tenminste, ik denk bij iedereen meerdere kantelpunten en ik heb het nooit als vervelend ervaren. Wel de pijn, wel de last die ik had, dat heeft niet mijn voorkeur, maar het feit dat ik daardoor eigenlijk geforceerd werd om te stoppen want oh ja, dat had ik niet verteld, maar ik had al een maand of 4, 5 dat ik iedere keer dacht ah, dit is het misschien niet helemaal. Het ging heel goed en dat vond ik ook het probleem want iedereen zei ah, je heb van je hobby je werk gemaakt, wat leuk, wat fijn dat je dit kunt doen. En ik dacht alleen maar ja, ik sta er ook in de regen die paarden te trainen, ik sta er ook in de winter en dus ik dacht al, dat weet ik nog, ik dacht heel bewust als ik nou eens een vinger breek per ongeluk, gewoon hè, omdat dat gebeurt, dan zou ik misschien wel een goede reden hebben om ermee te stoppen. Maar ik was echt op zoek naar een reden en nou, die reden die kreeg ik, ietsje grootser dan een gebroken hand of vinger en maar ik denk wel dat het in die zin een stuk is geweest waar ik gewoon, ja, misschien onbewust ook wel zo op hoopte zeg maar en ja, dat leidde dus weer tot die nieuwe mogelijkheden wat nu achteraf gezien het allerbeste is want anders zouden we nu niet het leven hebben dat we nu hebben.

Bas: Ja, dat is toch mooi om te zien hè dat toch je grootste dieptepunt zeg maar je uiteindelijk weer brengt naar een hoogtepunt hè. Dus Steve Jobs zegt dan mooi “You can’t connect the dots looking forward, only looking backwards” en daar is dit maar weer het levende bewijs van zeg maar.

Jeanet: Ja.

Voeding en fitness

Bas: Dus rug gebroken, boek geschreven over voeding, diëtetiek, dat soort dingen. Voeding is volgens mij een heel groot topic in jullie leven, daar wil ik ook weleens wat meer over weten zeg maar, van sowieso een bodybuilder die eet afgewogen zijn eieren, boontjes en allemaal dat soort fratsen denk ik?

John: Ja.

Bas: Dus daar wil ik weleens wat meer over weten. Ik bedoel ja, ik vind het zelf ook wel een interessant topic weet je. Iedereen probeert, tenminste, ik probeer zo gezond mogelijk te eten, lukt niet altijd, maar meestal wel weet je, maar als bodybuilder is het ja, als je zeg maar een keertje kibbeling eet dn ziet het er al niet goed uit.

Jeanet: Dan ben je al af, ja, precies ja. Ja, dat kan jij wel vertellen dat we daar in 2012 eigenlijk mee begonnen.

John: Ja, eigenlijk, je was in wedstrijdvoorbereiding voor, Jeanet was in wedstrijdvoorbereiding voor haar eerste bikini fitnesswedstrijd zoals dat heet en toen brak je dus je rug en toen kon je daar niet meer mee meedoen en

Jeanet: Nee.

John: En ik deed er toen nog niks mee. Is wel grappig trouwens om te vertellen, ik denk vroeger toen ik nog een mannetje was van een jaar of 16, eigenlijk net voordat ik jou leerde kennen toen dacht ik al dat ik een hele bink was.

Jeanet: Ja.

John: Ja, als we foto’s terugzien viel het toch tegen, maar toen was ik een beetje–

Jeanet: Nou, je had lijnen op je buik hè.

John: Een beetje Rocky Balboa stijl. Dus ik had thuis de garage van mijn vader, ik had wat pvc-pijpen gevuld met zand en zo dus ik begon dar een beetje mee te trainen. Een bokszak, in de winter een muts op, het was echt gewoon hartstikke koud. Toen begon ik wat te trainen en vandaaruit toen ik bij Jeanet thuis kwam daar was best wel veel ruimte dus toen begon ik daar een gym te bouwen.

Bas: Ja.

John: En jij had er nog niks mee hè, met dat hele trainen niet, maar vandaar uit ging jij dat ook steeds meer doen en toen kreeg jij ook interesse om die wedstrijden te gaan doen.

Jeanet: Ja.

John: En daar had ik helemaal nog geen interesse in.

Jeanet: Nee.

John: En nou ja, jij was dus daarmee bezig, je brak je rug, maar we waren toen ook in een begeleidingstraject. Dus elke week, nee, elke maand waren we naar Veldhoven in de auto, met een leaseauto dus dat was voordelig en daar werden we dus begeleid en toen kreeg ik dat ook steeds meer te pakken die smaak van hé, dat is wel leuk hè, dat zijn toch allemaal dedicated, toegewijde personen, lekker structureel, ik hou daarvan, structureel, routines, ik denk dat is toch ook wel wat voor mij, gewoon lekker je schemaatje afwerken, elke dag hetzelfde, super saai, super makkelijk.

Bas: Ja, lekker autistisch.

John: Precies. Ik denk dat is best wel goed om te doen. Dus toen in 2013 ging jij opnieuw, toen was jij gerevalideerd dus jij ging opnieuw dat oppakken en toen gingen we het samen doen en dan gaan we samen gewoon in 2013 die wedstrijd draaien. Alleen ik had het wel een beetje onderschat eigenlijk wat erbij komt kijken want gewoon dat zien van anderen, lekker je schemaatje afwerken, dat is nog niet het zelf ook ervaren.

Bas: Nee.

John: Ik werkte toen nog in de bouw, ik was elke dag van half 6 tot half 6 ongeveer van huis, dus 12 uur van huis en ja, als je dan zo vroeg in de keet moet zijn altijd, niet als bouwvakker maar meer als uitvoerder, maar toch, dus ik moest elke avond mijn bakjes met eten maken dus ik kwam thuis, eerst trainen, 5 keer in de week trainen, bakjes eten maken, altijd hetzelfde, rijst, drie bakken rijst, groentebakken, kipbakken, soms vis voor de afwisseling, een beetje kruiden voor de smaak.

Jeanet: Alles afwegen.

Bas: Ja.

John: En nou, dat ging dan weer in de tas mee ’s ochtends, in de koelkast in de keet, ik had altijd mijn magnetron bij me in welk project ik ook zat.

Bas: Nee joh?

Jeanet: Ja.

Bas: In de auto?

John: Nou, die had ik dan, ik zat voor een paar maanden steeds op een project dus dan had ik mijn magnetron.

Bas: Oh, zo, in de bouw, ja, nam je je eigen magnetron mee.

Kilo’s aankomen

John: Maar dus ik soms, zeker in die wedstrijdvoorbereiding om half 10 als iedereen gewoon brood met koffie dan deed ik gewoon een bakje rijst opwarmen in de magnetron. Heel die keet stonk ernaar en dan zat ik gewoon weer mijn bakje met rijst en vis te eten. Alleen naarmate, in het begin moest ik heel veel kilo’s aankomen dus dan is het makkelijk, dan is het gewoon heel veel eten.

Bas: Precies.

John: Echt als in een kilo.

Bas: Aankomen kunnen we allemaal toch?

John: Ja, nou, dat zou je nog verbazen.

Bas: Oh, ok.

John: Ik moest een kilo aardappels per dag eten op trainingsdagen.

Jeanet: Ja, echt ziek.

John: Naast heel veel rijst, maar in de avond na het trainen moest ik dan ongeveer een kilo aardappels eten. Dat is veel hoor.

Jeanet: Ja, een kilo is echt veel.

Bas: Een kilo aardappels per dag?

Jeanet: Ja.

John: Ja.

Bas: Een kilo!

John: Ja, op de trainingsdagen ja.

Jeanet: Dus het was ook, maar het was alleen maar de droogst mogelijke vis, een kilo aardappelen en wat groente.

Bas: En wat is de droogst mogelijke vis? Want ik neem aan dat het om de eiwitten in de vis gaat?

Jeanet: Ja, van die koolvis of zo.

John: Tilapia.

Jeanet: Of tilapia.

John: Panga-achtig.

Jeanet: Van die mufachtige dingen.

John: Ja, en hompen kip. Ik ben er niet per se heel trots op, maar in die weken jongen, ik sloeg kilo’s kip, biefstuk, dat soort dingen allemaal. Dat was wel echt de hardcore manier hoe we toen begeleid werden.

Bas: Oh ja.

John: En dat aankomen dat lukte goed, op een gegeven moment was ik super vierkant, ik was 87 kilo of zo en toen ik jou leerde kennen was ik nog 60 of zo dus dat is wel aardig hard gegaan in die jaren.

Jeanet: Maar je was ook, ja, je was niet dik als vadsig maar je was, ja, je was gewoon veel te vet.

John: Ja, dat zeker, maar dat moet er dan ook weer af richting die wedstrijd.

Bas: Dat ga je dan omzetten naar spieren ja.

John: Ja, want met bodybuilding is het zo je wordt eigenlijk steeds zwakker, je gaat er steeds beter uitzien naarmate de wedstrijd in zicht komt maar je wordt steeds zwakker. Dus ik, op het werk dachten ze op een gegeven moment ook dat ik kanker had of zo want ja, ik verloor natuurlijk al die kilo’s.

Jeanet: Over de vakantie heen was dat hè.

John: Ja, dat ging met een kilo per week ongeveer gaat dat dan. Dus ik was van 87 ging ik ongeveer naar wedstrijdgewicht 74 kilo of zo.

Kilo’s verliezen

Bas: Maar wat eet je dan in die tijd dat je je gewicht verliest? Of is het dan alleen maar rijst of zo?

John: Nou, het is een beetje hetzelfde.

Jeanet: Het is eigenlijk hetzelfde.

John: Alleen steeds minder.

Bas: Ok, zo.

John: Het is echt ook afgewogen, dus het wordt in plaats van 300 gram rijst per keer wordt het op een gegeven moment nog maar 50 gram rijst, dat is echt nog maar zo’n beetje rijst met wat groente en vis.

Bas: Ja.

Jeanet: Dit is wel, dit is, je hebt meerdere manieren om het te bereiken. Dit is de eerste manier die we deden, waren we uiteindelijk geen fan van maar dat is wel goed om te zeggen want later hadden we een andere manier.

John: Ja, maar zeker die eerste keer toen was ik dus ook nog lang van huis en dat was best wel intensief want ik sliep eigenlijk veel te kort bij nader inzien, ik sliep denk ik 5 uur per nacht, 5, 6 uur per nacht omdat ik niet meer tijd had om te slapen. Ja, nu heb ik die auraring om en nu doe ik dat helemaal niet meer, maar toen was dat zo dus ik was 12 uur van huis, ik sliep 6 uur per nacht, ik trainde 5 keer per week, ik was Jeanet steeds wat meer aan het helpen in het bedrijf en ik was bezig om vet te verliezen. Ja, daar word je ook n iet per se een heel energiek en fit persoon van en ook niet zozeer gezellig, alleen ik heb daar dan weinig last van.

Jeanet: Nee, ja.

John: Dus ik deed wel gewoon mijn ding, alleen toen kwam ik erachter waar je als mens echt wel toe in staat bent want ik moest en functioneren op het werk en ik wilde ook gewoon thuis nog de beste man voor Jeanet zijn, ik wilde in haar bedrijf meehelpen en dus gewoon goed trainen. Ja, en ik had al veel discipline, maar toen kwam ik er echt achter hoeveel discipline je nodig hebt om zoiets te kunnen doen.

Bas: Dat is bizar hè?

Jeanet: Ja.

5x per week, minimaal 1 uur per dag

Bas: Maar ook gewoon zonder te slacken om het zo maar te zeggen, dus 5 keer per week trainen en dat is waarschijnlijk trainingen van 1 tot 2 uur of zo of hoe moet ik dat zien?

John: Nou, een uur echt wel serieus pompen ja.

Bas: Ja, en dan met name de krachttraining neem ik aan?

Jeanet: Ja.

John: Ja, en naarmate de wedstrijd vorderde ook cardio erbij, dus 3 kwartier nog per dag op de fiets of zo, echt verschrikkelijk.

Bas: Maar dan doe je voornamelijk squats, bankdrukken, optrekken, allemaal dat soort fratsen?

Jeanet: Ja, je hebt dan eigenlijk maak je die schema’s.

Bas: Van de big five zeg maar.

Jeanet: Die krijg je dat je gewoon echt kijkt van hé, hoe is jouw bouw en dan pas je het daarop aan ook met de oefeningen en daar werden we dan ook in begeleid. Dus het kon zomaar zijn dat bij een meting één maand dat nou, bovenlichaam ging goed, was natuurlijk bij ons allebei, en dan bleven de benen wat achter, moest de keer erna benen meer. Dus zo blijf je eigenlijk steeds echt bouwen aan het lichaam, heel tof.

Bas: Precies, ja, en heb je dan een bepaald gewicht of zo dat je denkt van wow, ik stond toen even 120 kilo te drukken of?

John: Nee, daar gaat het eigenlijk–

Bas: Daar gaat het niet om.

John: In bodybuilding eigenlijk niet om.

Bas: Het gaat alleen maar om hoe je eruitziet.

John: Ja, dat is echt voor je ego, het gaat echt om hoe je eruitziet.

Bodybuilding of egobuilding?

Bas: Ja, egobuilding is het eigenlijk.

Jeanet: Ja, precies.

John: Ja, en dan denk je op een gegeven moment, tenminste, dat dacht ik van ik ben best wel een hele vent, maar dan zie je je niet naast andere mensen. We hadden onze eigen sportschool dus ik trainde eigenlijk alleen en die spiegels, ik keek veel naar mezelf, doe ik nog steeds trouwens.

Bas: Ja, snap ik.

John: En toen waren we bij die wedstrijd en toen, een bodybuild wedstrijd, voor degenen die dat niet weten, het is best wel bizar. Want je bent heel, eigenlijk heel skinny, je bent helemaal afgetraind, het is heel koud, die wedstrijd was ook nog eens in de winter. Vervolgens je moet wekenlang moet je al je benen scheren en daar moet je allemaal aan wennen, alles moet geschoren worden want je moet helemaal ingebruind worden op zo’n wedstrijd. Dus dan ben je daar op zo’n wedstrijd, eigenlijk je ziet er misschien wel op je mooist uit, maar je voelt je op je slechtst dus het is heel apart.

Bas: Ja, ja.

Jeanet: Uitgedroogd ook op zo’n dag.

John: Je wordt uitgedroogd want je drinkt op die dag helemaal niet. Eigenlijk is het niet heel goed. En vervolgens word je helemaal in zo’n cabine sta je naakt, word je compleet bruin gespoten om op dat podium een beetje je spieren te laten zien.

Bas: Zo’n tan spray of hoe heet dat?

Jeanet: Ja, super donker.

John: En toen stond ik daar op het podium en toen zag ik mijzelf naast andere gasten en toen denk ik goh.

Jeanet: Dat wordt hem niet.

John: Ik heb echt geen aanleg.

Bas: Ja, ja, ok, dus je had hem niet gewonnen.

Jeanet: Nee, nee.

Bas: Net niet hè.

Jeanet: Top 3 van onder denk ik dat je toch zeker getikt hebt.

John: Ja, ja.

Bas: Maar meedoen is belangrijker dan winnen toch?

John: Nou, ik sta daar nooit zo in eigenlijk.

Bas: Je bent wel een competitief mannetje dus.

John: Zeker.

Jeanet: Maar dit is nou echt een sport waar je echt aanleg voor nodig hebt en je kunt er perfect uitzien, maar als bijvoorbeeld je biceps niet goed zijn, ja, dan ga je ook niet winnen.

Bas: Ja, ja.

Jeanet: Dus het is alles moet perfect zijn.

In de spiegel kijken

Bas: Ja, en ging je toen anders naar jezelf kijken in de spiegel? Dat je stond te kijken van hmm, weet je, die gast naast mij die, of viel dat wel mee?

John: Nee, ik had het wel weer vrij snel van me afgezet. Ja, als je de aanleg niet hebt dan heb je de aanleg niet.

Bas: Nee, nee, precies.

John: Dus dat werd hem niet, maar toen hebben we in, dat was 2013, toen hebben we in 2015 hebben wij ook samen nog een wedstrijd gedaan.

Jeanet: Ja, 14 zou ik ook nog, ik nog weer een wedstrijd doen maar toen werd ik heel ziek door het trainen.

Bodybuilding wedstrijden

John: Ja, Jeanet die zou in 2014 ook nog een wedstrijd doen, toen hadden we al ons atletenteam inmiddels, dus wij begeleiden ook mensen ook naar wedstrijden toe.

Bas: Oh wow, cool.

Jeanet: Ja.

John: En dat is wel heel leuk om te doen.

Jeanet: Ja, dat is tof.

John: En toen zou Jeanet ook weer meedoen alleen ja, die trok dat gewoon heel slecht. Jeanet heeft fibromyalgie, zo zeg je dat hè?

Jeanet: Ja.

John: En chronische vermoeidheid dus is eigenlijk vrij snel over haar grenzen. Dus op een gegeven moment zaten we zelf–

Jeanet: Ik ging structureel over de grens want ik dacht oh, ik kan het mentaal wel aan.

Bas: Ja.

John: Maar jij was ook echt een beest in die tijd hè?

Jeanet: Ja, mijn aanleg is wel heel goed voor bodybuilding.

Bas: Nice.

John: Je was ook wel 10 kilo zwaarder denk ik toen.

Bas: Dus je kwam iets hoger uit dan de derde van onder bij die wedstrijd of?

Jeanet: Nee, dat ook niet want ik was dan weer net wat te vet.

John: En eigenlijk te gespierd.

Jeanet: Dat was het, oh ja, dat klinkt ook beter dus vergeet wat ik zei. Nee, dat klopt, je hebt bikini fitness en de stap erna is body fitness en dan heb je ook nog figure en bodybuilding voor vrouwen en bikini fitness is heel, dat is eigenlijk heel slank, heel mooi, dat is echt een, eigenlijk het lichaam vanuit de blaadjes zeg maar en body fitness is wat gespierder en ik ben wat grover van mijzelf en mijn aanleg voor spierbouw is ook heel goed dus je zag bij mij heel snel ronde schouders, echt heel gespierde benen en ik stond in de bikiniklasse dus ik was een mismatch met wat er eigenlijk nodig was. Dus een beetje als je een dierenvergelijking zou hebben dat je gewoon een hoog en een laag paard naast elkaar zet, het is niet te vergelijken.

Bas: Nee, nee.

Jeanet: Dus maar toen ben ik inderdaad zo lang doorgegaan omdat het zo goed ging en ik had, want je vroeg net hè, sta je dan voor de spiegel veel te vergelijken? Bij mij was het alleen maar ik ben niet gespierd genoeg en ik ben nog te dik, niet te dik, te vet, ik sprak met te vet, gewoon vetpercentage, dat is nou eenmaal gewoon, ja, de regels van dat spelletje, je bent of wel of niet vet. En voor mij was het eigenlijk in die zin nooit goed genoeg totdat ik echt letterlijk pas een aantal jaren later terugkeek op hoe gespierd ik was dat ik dacht jezus, ik snap wel dat mensen zeiden je bent wel echt gespierd voor een vrouw, terwijl ik dacht nou, dat valt wel mee want dit kan beter en dat kan mooier.

Bas: Juist.

Jeanet: Dus het is echt een hele grote mindfuck.

Nooit goed genoeg

Bas: Juist, je bent eigenlijk gewoon heel streng voor jezelf, dat je gewoon denkt van what the fuck, het is eigenlijk nooit goed genoeg.

Jeanet: Het moet altijd beter, je wil altijd meer.

John: Het is echt ooit goed genoeg en toen was–

Bas: Ja, nee, meer daarop ingaand zeg maar, het maakt je ook heel erg onrustig denk ik als het nooit goed genoeg is want op welk niveau je ook staat, je komt er altijd bedrogen uit want er is altijd iemand met meer, groter, weet je, ik bedoel.

Jeanet: Ja, die doet het langer dus die ziet er beter uit.

John: Je gaat je lichaam ook echt zien als kunstwerk. Dus elke, oh, hier moet nog wat bij, daar moet nog wat bij en dan oh, dan gaan we daarvoor trainen.

Jeanet: Ja, want ik weet nog dan liepen we in de supermarkt gewoon heel simpel. Nou ja, als je naar de supermarkt gaat loop je daar met je karretje en je doet de boodschappen.

Bas: Ja.

Jeanet: Nou, niet als je bodybuilding doet want dan loop je daar en dan kijk je hoe je staat en hoe je schouders eruitzien en of je biceps wel goed is, het is echt super obsessief.

Rijst, kip en groente

Bas: Maar wat je er denk ik wel heel erg van leert, in ieder geval wat ik hoor, is die discipline, gewoon dat gedisciplineerd eten, altijd op dezelfde tijden trainen en dat heb je later ook in business denk ik ook wel nodig om gedisciplineerd een business neer te gaan zetten om daar uiteindelijk succes uit te halen. Maar is het, nog één ding over die voeding, is het überhaupt gezond zeg maar om alleen maar rijst, kip en groente te eten of niet per se? Of hoe kijken jullie daar tegenaan?

Jeanet: Nou, een hele lange fase wel want dan wordt er heel erg gekeken wat heb je nodig. Nou, en dan of als je moet afvallen iets minder of wat meer, maar dat is gewoon heel normaal. Maar de laatste weken tot twee, drie maanden, afhankelijk van hoeveel vet je moet verliezen is het soms een dusdanig crashdieet dat is echt ongezond. Dat is gewoon ook niet goed te praten dus dat vul je dan aan met supplementen. Het is best wel eenzijdig, het is ook heel gestructureerd dus je luistert helemaal niet naar je lijf. Dus nee, die laatste periode is absoluut niet gezond.

Bas: Nee.

John: En dan die, dat is nog wel leuk om te vertellen, vooral na de wedstrijd dan heb je voor ons, nou, voor jou was dat wel zo, maar na de wedstrijd dan denk je iedereen heeft zoveel discipline, ze hebben in ieder 14 weken zijn ze echt af gaan zien en dan is het zover en dan beginnen mensen te vreten en wij hebben dat, jij hebt dat ook gehad.

Bas: Gaan er allemaal hamburgertjes in.

Jeanet: Ik heb de eerste keer had ik dat heel erg.

John: Toen hadden wij samen die wedstrijd gedaan, we zaten in dat hotel, we hadden allemaal dingen ingeslagen. Nou, zonder dat we het doorhebben een zak M&M’s en alles, je hebt, je weet niet eens waar je het kan laten maar het blijft maar gaan.

Bas: Oh ja.

Jeanet: Het is niet normaal, je bent echt, het is een bodemloze put, ongekend, ja.

Bas: Ja, ja.

John: Dus echt gezond? Nee, ik denk het niet.

Jeanet: Nee.

Het eetpatroon van nu

Bas: En nu doen jullie die bodybuilding wedstrijden niet meer hè, hoe ziet je eetpatroon er nu uit dan zeg maar? Ik neem aan dat je er wel op een manier op blijft letten en dat je er wel mee bezig bent, maar hoe ziet dat eruit? Ik ben gewoon meer benieuwd, ja, hoe dat in het dagelijks leven dan eruitziet.

John: Ja, in mijn geval is het super simpel, het is al jarenlang hetzelfde, het is altijd gewoon ’s ochtends havermout met eiwitpoeder en mijn supplementen.

Jeanet: Nou, wacht even, pre-ontbijt, post-ontbijt heb je ook nog eens.

John: Godsamme, ja.

Jeanet: Nee, dan gaan we ook over details.

John: Ja, ja, nee, dat is correct. Op de dagen dat ik naar de gym ga, zoals vanochtend ook, dan heb ik dus even een klein ontbijt voordat ik naar de gym ga, dat is havermout met eiwitpoeder en versgeperste sinaasappelsap.

Bas: Ok.

Jeanet: Twee sinaasappels.

John: Twee sinaasappels, ja, tenzij ze wat kleiner zijn.

Jeanet: Ja, je legt ze in de koelkast, ja, precies.

Bas: Dan worden het er drie.

Jeanet: Ja, precies.

John: Nou en als ik dan terugkom van de gym, ja, dan is het gewoon een beetje wat eieren, een beetje van alles en nog wat, maar doorgaans is het gewoon beschuit met pindakaas en een Snack a Jack, barbecue smaak en bijna een heel pakketje kipfilet.

Jeanet: Ja, echt een stapel, ja.

John: Ja, en kaas.

Jeanet: Ja, en rare combi’s ook, want soms doe je ook die Snack a Jack met selleriesalade.

John: Ja, dat doe ik ook elke dag.

Jeanet: Oh ja, en kip en kaas, dat ik echt denk dat is toch niet te vreten.

Bas: Maar goed, dus je hebt echt een patroon voor je wat je elke dag eet met trainingsdagen is patroon A en met je niet trainingsdagen is patroon B.

John: Daar komt het op neer.

Bas: En dan houdt het op. En wat was dan middag- en het avondeten nog dan?

Broodje kroket

John: Ja, tussen de middag wissel ik nog weleens, maar dat is, dat klinkt heel gek, maar dat is heel vaak gewoon wat uit de airfryer, een broodje kroket of zo.

Bas: Oh ja.

John: Ja, werkt goed voor mij.

Bas: Maar ik bedoel dat klinkt dan niet als per se ik heb getraind en ik heb zin in een broodje kroket zeg maar, toch? Of ben ik nou gek?

John: Nee, nou, ik denk wel wat–

Bas: Klinkt wel lekker hoor, maar.

John: Ja, maar ik denk wat ga ik vandaag eens eten en de ene keer is het gewoon een tosti.

Jeanet: Ja, maar het is gewoon luiheid.

John: Ja, dat ook, maar dan is het gewoon een tosti met ongeveer 200 gram kip, zo’n heel pakkie kip heb ik dan op één tosti en de andere keer is het een broodje kroket en dan ’s avonds is het ook vaak wel gewoon aardappels, kip en rauwe bloemkool dat eet ik vaak.

Calorieën bijhouden

Bas: Ja, maar dus niet, je voert niet al die dingen in in je app en je zegt ok, ik moet zoveel procent koolhydraten, zoveel procent eiwit, dat is het niet?

John: Nee, dat heb ik toen jaren gedaan.

Bas: Ja, en daar ben je nu gewoon klaar mee.

John: Maar het zit inmiddels ook wel zo in mijn systeem, ik weet best wel aardig goed waar wat in zit waar ik goed op ga.

Bas: Precies, ja, ja, ja. En die kip en dat soort frutsen is voornamelijk natuurlijk voor de eiwitten die eruit komen en dat doe je dus zowel dierlijk als plantaardige eiwitten, doe je dat een beetje gezond afwisselen of zo?

Jeanet: Ja, en vetten doe je natuurlijk ook.

John: Ja, en vetten ja.

Bas: Ja, een broodje kroket en zo, ja.

John: Ja, precies, dat soort dingen.

Jeanet: Precies, ja, exact, ja.

Bas: Lachen man.

John: Dus eigenlijk ja, niet heel erg rocket science. Heel veel mensen die vinden het ook gek klinken, maar ja, ik ga 5 keer in de week, nog steeds 5 keer in de week naar de gym.

Bas: Ja.

John: Ik let heel erg op mijn slaap en al die dingen. Kijk, je hebt eigenlijk drie basisfundamenten zeg ik altijd, dat is slaap, dat is voeding, dat is beweging.

Bas: Juist.

John: En als die drie on point zijn, ja, dan kan ik dus best wel broodjes kroket eten of zo want ja.

Auraring

Bas: Nee, nee, ik snap het. Ik zeg ook altijd, ik noem het SVS, dus slaap, voeding, sport, dat is hetzelfde, maar dat zijn de drie, dat is eigenlijk je ondergrens zeg maar die moet gewoon altijd op orde zijn. Ja, en dat is wel grappig, ik heb een paar vrienden die die ring ook hebben zeg maar dat je je slaap kan tracken en hoe heet dat ding?

Jeanet: Auraring.

Bas: Auraring. Haal je er interessante data uit waar je iets mee doet of is het meer van dit is gewoon geeky en ik kan zien in mijn telefoon hoe lang ik geslapen heb?

John: Dat ook, maar ja, ik ben, kijk, als ik iets doe–

Jeanet: Je bent obsessief.

John: Dan ben ik wel obsessief, ja, dat mogen we best zeggen. Altijd het eerste wat ik doe, ik ga goed op routine zoals inmiddels wel duidelijk is, elke ochtend het eerste wat ik doe, ik slaap met oordopjes en een oogkapje dus die haal ik dan even af, kijken ok, wat–

Bas: Ok, je zit elke dag in het vliegtuig dus.

John: Eigenlijk wel, eigenlijk wel en dan kijk ik en dan als ik niet 85 heb, ja, dan ben ik eigenlijk al gelijk teleurgesteld.

Jeanet: En dat heb je bijna nooit.

John: Nee, dus ik ben eigenlijk elke dag teleurgesteld, dan doe ik er toch iets te weinig aan.

Bas: Ja, jullie zijn allebei streng voor jezelf dus.

John: Ja, nee, maar wat ik ermee doe, ja, jij zou zeggen ik doe er te weinig mee.

Jeanet: Ja, kijk, het is natuurlijk onzin als je dingen meet en je ziet hé, wat ik doe werkt niet maar ik ga niks veranderen, dan of meet het niet of meet het niet of doe er wat aan.

Bas: Ja, dus gewoon hetzelfde ding blijven doen en een andere uitkomst verwachten.

Jeanet: Ja, precies, oh, het werkt echt niet, oh, het werkt nu nog niet. Nee, wat denk je zelf, natuurlijk niet.

John: Nee, maar ik pas wel dingen aan. Ik drink geen koffie meer na de middag bijvoorbeeld. Ja, decaf, dus zonder cafeïne. Ik doe niet meer te veel vet laat in de avond eten. Nou, dat soort dingen en daar zie ik dus echt op die ring wel verschil in.

Jeanet: Ja.

Bas: En wat voor verschil zie je dan?

John: Dan zie ik dus dat mijn diepere slaap beter is.

Bas: Ah, ok.

John: Dus waar ik dan eerst bijvoorbeeld een uur en 10 minuten diepe slaap had zie ik nu de laatste tijd heb ik echt 2 uur en 5 minuten diepe slaap of zo.

Jeanet: Ja, want dat is ook als je je dan gaat verdiepen in hoe het lichaam eigenlijk werkt, als je ’s avonds veel vet eet ben je dat ’s nachts aan het verteren, gaat ten koste van je diepe slaap.

Bas: Juist, ik snap het.

Jeanet: Dus zo leggen we dan eigenlijk ook gewoon linkjes, hé, wat zou het kunnen zijn om dat te verbeteren.

Bas: Ja, ik ken een slaapexpert die heet Floris Wouterson, ik heb hier nog een stapeltje boeken liggen dus die krijgen jullie dadelijk allebei mee.

Jeanet: Oh, cool. Ja.

Bas: Dan kun je er even wat over lezen.

Jeanet: Wat grappig.

John: Ja, goed man.

Ontstaan van een droom

Bas: Hé maar op een gegeven moment is er ook een bepaalde droom ontstaan bij jullie, kun je daar wat over vertellen?

John: Nou, het was, zeg jij maar want het was jouw droom.

Bas: Ok, oh, jij bent hier de appendix of?

Jeanet: Dat was, ja, droom, het leek me gewoon een bijzonder goed idee. Ik was, ik had mijn diëtistenpraktijk, we hadden de sportschool en ik denk nou, dat is allemaal leuk, we hadden ook dat atletenteam, ging allemaal goed. John die hielp eens wat mee, ik denk nou, dat is toch leuk als je dit ook gewoon over de wereld kunt doen? Dat je gewoon reist? Dus ik denk, een wereldkaart had ik erbij gepakt, gewoon dan, John die was toch iedere dag naar het werk dus dan zat ik met die wereldkaart, ik denk nou, dit wordt de route waar we dan langsgaan en dan gaan we jarenlang op reis en we komen niet meer in Nederland. Ik zag het helemaal voor me.

Bas: Ja.

Jeanet: Dus ik denk dit is geniaal. Dus ik had er blogs van gelezen, video’s, dus ik zat helemaal in die wereld van reizen, ik denk ja, het enige wat we hoeven doen is gewoon het bedrijf online zetten. Gewoon hè, niet meer offline maar online. Wist ik veel wat er allemaal bij kwam kijken, ik denk dat klinkt wel logisch. Dus ik had dat wekenlang bedacht, gewoon een goed plan op papier en op een gegeven moment, ik weet niet, begin 2015 was dat komt John thuis, ik zeg joh, luister, het is ja, het is best wel druk met de zaak en ik wil graag hulp van jou, is het niet een goed idee dat jij stopt met je vaste baan en dan kun je me helpen in het bedrijf, ik zeg en dan kunnen we ook over de wereld gaan reizen.

Bas: Ja.

Jeanet: Nou, dat was eigenlijk mijn idee.

Offline naar online

Bas: Maar was het toen nog die diëtistenpraktijk en die sportschool die je online wilde neer gaan zetten eigenlijk?

Jeanet: Ja, ja, dat was eigenlijk het plan. Ik denk nou, diëtistenpraktijk kan, hè, dan heb je gewoon online consults, geen probleem.

Bas: Ja, ja.

Jeanet: Sportschool, niet te doen online.

Bas: Nee.

Jeanet: We hadden wel programmaatjes online.

Bas: Video bootcampje gewoon.

Jeanet: Ja, dat hadden we, Workout Wednesday hadden wij bijvoorbeeld.

Bas: Ja, precies.

Jeanet: Namen we hem op in Bali. Maar ik denk ja, dat is lastig dus daar hadden we dan eerst gewoon het, nou, het proefjaar zeg maar dat we dit in werking zetten hadden we er ook gewoon mensen lopen die het regelden, maar ik denk ja, dat kan, alleen het was mij te veel gedoe om dan gewoon dat te managen en het was toch maar een klein deel van de inkomsten dus online met de diëtistenschema’s zeg maar en de atleten was interessanter, plus ik had ook trainers in Nederland die mijn atleten trainde, poseercoaches, mensen die naar de wedstrijden gingen. Dus ik was ook niet meer nodig in die zin. Ik was wel nog de hoofcoach dus ik deed nog heel veel schema’s maken, maar het uitvoerende werk dat kon door iedereen gedaan worden en ik hoefde daar niet bij te zijn.

Bas: Ja.

Jeanet: En dus ik dacht inderdaad dat gaan we online vormen en daar gaan we geld mee verdienen en dan ga je gewoon, ja, ik weet niet, op het strand zitten. Dat was mijn idee.

Bas: Ja.

Jeanet: En nou, jij vond het niet zo’n goed idee als ik.

John: Nee, ik vond het een heel matig idee zelfs.

Bas: Nee, maar breng ons even in die transformatie. Je bent met zijn tweeën, je hebt een idee, je hebt een plannetje, nou, goed. Stel je bent met zijn tweeën en jullie hadden toen nog een net iets andere situatie en ja, je werd een beetje meegenomen, je hebt het lef eigenlijk van het vrouwtje gekregen op een gegeven moment om ontslag te nemen en vervolgens in het verhaal mee te gaan. Dus we gaan het eens transformeren, met zijn tweeën een plan en wat gaat er gebeuren?

John: Ja, nou, eerst even terug naar het begin, 2015, dus wij zaten daar lekker samen op de bank, ik had weer een lange werkdag gehad, Jeanet die presenteert dat idee aan mij als zijnde het beste idee ooit.

Jeanet: Ja.

John: Ik dacht god kolere, dit is echt geen goed idee. Ik voelde me echt een soort van gechoked alsof mijn adem werd afgeknepen.

Jeanet: Het eerste wat je ook zegt, maar ik heb een vaste baan en het huis dan? En het kan niet en we hebben een bedrijf. Alleen maar problemen.

John: Ja, ik dacht vooral in problemen ja.

Bas: Limited beliefs kwamen allemaal bovendrijven.

Jeanet: Nogal, ja.

John: Ja, zeker. Kijk, ik wist toen nog niet zoiets als dat we met zijn allen een reptielenbrein hebben, een interne werelddialoog die de show runt, dat weet ik nu wel want dat is nu de kern van ons werk, maar toen had ik hem wel. Toen had ik een flinke interne werelddialoog, laat ik het zo zeggen.

Jeanet: Je was veel in gesprek met jezelf, ja.

John: Als we even dan 8 maanden verder gaan in de tijd, ik heb 8 maanden de tijd nodig gehad om aan het idee te wennen om uiteindelijk mijn baan op te zeggen.

Jeanet: Ja, maar wennen was wel, was gewoon kijk, uiteindelijk, ja, het klinkt heel lullig, maar het maakte mij niet uit, ik zeg ik ga toch. Dus kijk maar. En dat meende ik ook. Ik denk ik ga wel, want ja, het lijkt mij leuk.

Bas: Ja, ik ga wel en kijk maar of je mee gaat.

Jeanet: Ja. Ja, dat was het eigenlijk.

John: Dus ik had ook geen keus.

Jeanet: Nee, het was heel vrijblijvend, je doet het wel of je doet het niet.

Bas: Ja.

Jeanet: En dus iedere keer las je wat artikelen en je keek eens een video, dus langzaamaan ging je mogelijkheden zien en dat maakte, ja, kijk, 8 maanden is nog steeds wel vrij lang, maar je was wel bezig om te gaan kijken naar wat zijn de mogelijkheden die ik misschien toch wel heb die ik nu nog niet zie.

John: Ja, dat is wel waar hoor, want het is niet dat ik 8 maanden heb nagedacht want in die tijd ging ik al steeds meer doen met Jeanet en voor Jeanet in het bedrijf en we gingen ook steeds meer doorontwikkelen, we begonnen samen al videootjes op te nemen in die tijd en toen was het zover, toen was het november 2015, had ik mijn baan opgezegd, dat was op dat moment het spannendste gesprek wat ik ooit ging voeren. Nou, nu denk ik goh, waar heb ik me druk om gemaakt.

Bas: Ja, nee, nu denk je had ik het 3 jaar eerder gedaan.

John: Eigenlijk wel, eigenlijk wel, en toen was het mijn laatste werkdag was ergens half december en 1, nee, 2 dagen daarna zaten we in het vliegtuig. We hadden gelijk doorgepakt. Dus we hadden ook backpacks gekocht en alles.

Jeanet: Ja, en bij nader inzien goed want anders waren we niet gegaan.

John: Dat denk ik ook niet.

Deadline stellen

Bas: Ja, gewoon een harde datum erin zetten, dan gaat het gebeuren, ticket boeken en dan zien we het wel weer. ja, slim.

John: En dat is wel, voor degenen die dit horen en die dan ook twijfelen, dat is wel een hele belangrijke daarin, je moet het wel belangrijk genoeg maken anders gebeurt het niet.

Bas: Zo is het.

John: Dus toen ok, wij backpacks gekocht, laptops gekocht en ja, we zijn gewoon gegaan naar Bali.

Jeanet: Iedereen om ons heen vond het een slecht idee overigens. We werden niet met spandoeken toegejuicht: ga dit maar doen, leef je mooiste leven.

Bas: Nee, iedereen zegt nee en voor mij is dat altijd nu als ondernemer zijn dat voor mij heel veel groene vlaggen, maar voor de meesten zijn het rode vlaggen.

Jeanet: Ja, ja.

John: En dat was echt zo. We hadden niet het idee om gelijk toen al die wereldreis van maanden te gaan maken, nee, we hadden echt bedacht ok, we gaan dit wel rustig opbouwen dus we gaan heel 2016 gebruiken voor proefreizen.

Jeanet: Ja, oefenen.

John: Ja, oefenen, dus gewoon echt ervaren hoe vinden we het? Wat hebben we nodig aan spullen? In wat voor soort huizen willen we eigenlijk zitten?

Jeanet: Vind jij ondernemen leuk? Kun je het?

John: Ook dat, want ik moest allemaal natuurlijk wennen.

Bas: Het is een hele, dus kijk, dus eigenlijk nu waar het allemaal begint hè en dat is ook wat je net eerder zei, het begint allemaal tussen de oren. Het gaat uiteindelijk om die mindset shift dat je er zelf in kan geloven, durft te geloven en dat je eigenlijk die transitie van angst naar vertrouwen gaat maken van hé, niet van kan het allemaal wel en nee, ik heb geen zin, ik heb een huis en dingen, maar totdat je uit die transitie bent gekomen van ja, het kan, laten we het proberen, je vond het waarschijnlijk fucking eng en je deed hem in je broek, maar ja, goed, nee, ga door met het verhaal.

Jeanet: Nou ja, het is wel mooi want dat is het verschil tussen de mensen die wel doelen bereiken en de mensen die dat niet doen.

Bas: Ja.

Jeanet: De mensen die wel die doelen bereiken die maken het belangrijk, dus die zeggen ook gewoon luister, dit is wat ik ga doen, hier ga ik alles op inzetten en dan doe je iedere dag wat nodig is. Dan ga je niet denken nou, ik heb niet zo’n zin, vandaag komt niet zo goed uit, je doet het. Net als met bodybuilding, je kan wel geen zin hebben in sporten, maar je moet gaan.

Bas: Ja, ik zeg altijd iedereen kan alles bereiken wat ie wil, de vraag is wat je ervoor wilt opgeven.

Jeanet: Ja, exact.

Bas: Is dat iets wat jullie ook beamen of niet?

Jeanet: Ja, ja, 100% want het gaat inderdaad niet om dat wat je gaat doen maar dat wat je niet meer gaat doen.

Bas: Precies.

John: En opofferingen durven maken. In de bodybuildtijd was het al zo, gewoon eigenlijk helemaal, zeker in die laatste 3 maanden van een bodybuildwedstrijd gewoon isoleren, heel weinig sociaal contact en dat was hier niet anders.

Bas: Precies, ja. In een caravan wonen, alleen maar rijst eten en een beetje trainen.

Jeanet: Ja, precies, ja.

John: Ja, klinkt wel heel erg hardcore, maar uiteindelijk komt het daarop neer. Nee, dus toen hadden we die proefreis, dus eerst was Bali, nou, toen kwamen we er al direct achter, en dat was wel interessant van die proefreis want we hadden een backpack bij ons en we hadden laptops, maar toen gaven we nog niet zoveel om luxe zoals we dat nu doen.

Jeanet: Luxe en comfort.

John: Luxe en comfort, nee, zeker niet.

Bas: Het was nog economy tickets ook.

John: Zeer zeker.

Jeanet: Type huizen, och.

John: Alles zo goedkoop mogelijk.

Bas: Ja, voor 300 euro per maand in een of andere–

Jeanet: Ja, hostel hebben we nooit gehad, maar het was ook niet echt veel meer dan dat.

Apart slapen

John: Nee, ook niet iets gezocht waar je dan thuis kon werken met wifi, nee, want wij dachten je gaat naar coworking spaces, dat was echt onze gedachte. Nou, toen kwamen we erachter, coworking spaces dat is echt verschrikkelijk voor ons, dat willen we niet, wij willen gewoon meters maken, wij willen gewoon in focus kunnen werken en dan moeten we niet weer erop uit moeten naar een coworking space. Dus toen kwamen we erachter ok, we moeten iets hebben waar we twee werkplekken hebben, we slapen apart van elkaar, dat is ook nog wel interessant om te vertellen.

Jeanet: Dat was toen nog niet.

John: Jawel, we slapen altijd, we slapen al jaren apart van elkaar.

Jeanet: Was daar ook al?

John: Ja.

Bas: Hoe kun je dan kinderen maken joh. Dat doe je overdag.

Jeanet: Ja, dat denkt iedereen, ja, ja. Daar hebben we onze trucjes voor.

John: Ja, dat vragen veel mensen zich wel af trouwens, maar nee, dus we slapen al jarenlang niet samen. Dus op een gegeven moment kwamen we erachter ok, we moeten een aparte slaapkamer, we moeten een aparte werkplek, de wifi moet goed genoeg zijn.

Jeanet: Een zwembad bij.

John: De praktische zaken zoals een internetkabel en al die dingen. Nou, door heel dat jaar heen, we zijn naar Bali, Malta, Tenerife.

Jeanet: Ibiza zaten we bij Philip, hoe heette die? Phil, een wietkwekerij in huis, ja, goedkoop hè.

Bas: Prima toch?

John: Ja, dat weet je ook niet van tevoren.

Bas: Als je de wiet teelt mag je gewoon gratis wonen.

Jeanet: Ja, precies, ja.

John: Nee, dus heel dat jaar hebben we daarvoor gebruikt en dat was goud want toen wisten we precies dit werkt voor ons wel en dit werkt voor ons niet.

Bas: Precies.

John: En dat was top en toen hadden we besloten ok, we gaan ons huis verhuren en dan ja, dan gaan we gewoon voor weet ik het hoe lang, minimaal een half jaar op reis.

Bas: Ja.

John: Dus eind 2016 hè was het zover. We dachten dat we het niet meer gingen verhuren ons huis, nou, dan maar niet, jammer van het geld.

Jeanet: Ja, omdat we niemand konden vinden.

John: Ja, we konden niemand vinden. Letterlijk op de laatste dag hadden we iemand gevonden, alsof het zo moest zijn, dus die schreef zich in op ons huis.

Bas: Want dit was het huis in Drenthe?

Jeanet: Ja.

John: Ja, absoluut.

Jeanet: Waar we nu ook weer terug wonen.

Bas: Ja, dus de markt is daar gewoon…

Jeanet: Ja.

Bas: Je kan wel een paar koeien vinden die in de tuin willen grazen, maar mensen die je huis huren is wat anders.

John: Ja, nee, dus dat kwam goed. Dus wij zaten in het vliegtuig naar Bali echt met het idee afscheid genomen op Schiphol, emotioneel, we zouden minstens een half jaar weggaan, dat was het idee, en toen waren we daar, mooi huis in het zuidoosten van Bali of zo en toen was het dag 2 geloof ik in de nacht en toen moest Jeanet de coach, gelukkig was ze toen ook al coach, die moest toen naar boven komen want ja, we hadden eigenlijk ons leven uitgespeeld op dat moment. Waar ik dus al die tijd voor had gewerkt, we zaten in ons droomleven.

Bas: Ja, dit was gewoon het topje van de ijsberg. Je dacht gewoon als mijn leven er zo uitziet, man, fuck, beter dan dat wordt het gewoon echt niet.

John: Eigenlijk dit was, kijk, wij spreken vaak van A naar B, dus je staat op punt A, je wilt naar punt B, we waren op punt B, ik had eigenlijk geen nieuw punt B meer.

Jeanet: Nee, dat was klaar.

Bas: Ja, ja.

John: Dus we zaten daar en ja, toen had ik echt een inzinking. Toen dacht ik god kolere, is dit het nou? Nu zitten we hier, het is lekker weer, we kunnen onze business runnen, we beginnen wat geld te verdienen, maar ja, ik denk dat ik terug naar huis wil. Maar het huis was net verhuurd dus dat kon ook geeneens.

Jeanet: Dat kon ook helemaal niet.

Bas: Ja.

John: En toen hebben we denk ik wel 3, 4 uur erover gesproken ’s nachts.

Jeanet: Ja, middenin de nacht urenlang inderdaad.

Bas: Ja, tranen.

Jeanet: Ja, nou, voor mij was, ik snapte het niet zo goed dat was het meer en ik begreep het wel vanuit zijn perspectief maar ik ervaarde dat helemaal niet zo. Ik denk ja, je bent hier, je kunt doen wat je wil vanaf hier. En voor John was het ja, maar we zijn hier en dit is de rest van mijn leven.

Bas: Ja.

Jeanet: En ja, toen hebben we eigenlijk echt gesproken waar je dan bang voor was en toen kwamen we erachter dat het vooral de onzekerheid was of ja, de onzekerheid van dat leven op dat moment want ja, niet meer een vaste baan, niet meer een vaste woonplek en dat was wat je heel veel angst gaf.

John: Ja, en toen wist ik niet waarom. Kijk, nu door al die coaching de we zelf ook al jaren hebben, we zijn zelf, we zullen er zo wat over vertellen, inmiddels ook coaches, dus ik weet inmiddels heel goed en wij weten allebei heel goed hoe het werkt in ons brein en vanuit de identiteit, maar kijk, wij zijn als mens geprogrammeerd om gewoon te overleven en om terug te cirkelen naar wat we kennen en wat we gewend zijn.

Bas: Ja, ja.

John: En ja, ik was in een keer in een nieuw leven en op dat moment kreeg ik dus allemaal verhalen, gewoon vanuit een overlevingsstrategie, dat wist ik toen niet maar nu wel van ja, je moet gewoon terug, je moet terug naar wat je kent want dit is verandering en verandering is verschrikkelijk.

Bas: Ja.

John: En toen had Jeanet mij daar uit kunnen coachen als het ware, maar daarna was het ook over hè.

Jeanet: Ja, het was voorbij.

John: Na die ene nacht was het klaar.

Mentale vrijheid

Bas: Maar interessante vraag die ik zou willen stellen, je zat daar aan de andere kant van de wereld, je runde eigenlijk je business op afstand, je bent misschien fysiek daar vrij op Bali, maar waren jullie mentaal ook vrij?

Jeanet: Oh, ik wel, ik vond het geweldig.

John: Ja, jij wel ja.

Jeanet: Ik hoefde ook nooit meer terug eigenlijk.

John: Ja, ik nog minder want ja, het was ook Jeanet haar bedrijf en kijk, ik was wel al meer dan een jaar met Jeanet in het bedrijf dus ik had mijzelf al wel bepaalde rollen toegeëigend, alleen ja, ik had nog niet echt zo’n vaste rol. Ik verdiende ook niet zelf het geld op dat moment want ik, ja, tenminste, ik deed alles op de achtergrond.

Jeanet: Ja, je was er wel voor nodig.

John: Dat zeker, daardoor konden we het geld verdienen, alleen jij was ook met klanten aan het spreken en dus ik had ook niet meer–

Bas: Ok, jij zat meer operationeel aan de achterkant eigenlijk.

Jeanet: Ja.

John: Jeanet had ook nog elke dag contact met haar klanten in Nederland en weet ik het, dat had ik allemaal niet. Dus wat dat betreft was het voor mij nog veel meer omschakelen.

Bas: Ja.

Jeanet: Ja, absoluut.

Bas: Ja, goed, ik heb zelf natuurlijk ook 2 jaar lang rond de wereld gereisd terwijl ik mijn business doordraaide, maar ik merkte ook zeker in die beginfase, dat werd daarna wel beter weet je, maar dat je wel vrij bent zeg maar als persoon over de wereld, maar dat je tussen de oren vaak als je zo je business runt dat het dan heel moeilijk is om dan ook echt helemaal vrij te zijn want er is toch, afhankelijk van hoe je business ervoor staat weet je. Ik bedoel, dat was ook mijn definitie van succes in de business dan, eigenlijk is de business pas succesvol als ik zelf niet meer nodig ben. Dus dat was voor mij de belangrijkste parameter van succes en dus zeker toen ik die reis had zeg maar was ik ergens, nou ja, ik maakte af en toe wat deals en allemaal dat soort dingen, dus ik voelde me nog, ik was wel vrij, maar ik voelde me niet helemaal vrij altijd zeg maar. Dus vandaar dat ik die vraag stelde.

Jeanet: Ja, en wij werken heel graag, dat was toen ook al. Dus we hadden altijd die doelen.

Bas: Precies.

Jeanet: En wij hebben er ook nooit in gestaan met we gaan zo weinig mogelijk werken. Het was niet de bedoeling dat we alleen maar op het strand zouden hangen. We wilden gewoon wonen in het buitenland, dat was het.

Bas: Juist, ja, gewoon business runnen in het buitenland.

Jeanet: Ja, gewoon doen wat we altijd doen.

John: Ja, niet het idee van de 4-hour workweek of zo.

Bas: Nee, nee, gewoon daar ook iets te doen hebben zeg maar.

Jeanet: Ja.

Bas: Het lijkt me megasaai om de hele dag elke dag op het strand te bakken zeg maar.

Jeanet: Ja, maar eigenlijk al combineren van dat wat eigenlijk ons ultieme doel zou zijn, altijd op reis kunnen, die vrijheid, maar dan nu al.

Bas: Ja.

Jeanet: En tegelijkertijd dus doorgroeien met het bedrijf, dat dit wat we nu hebben grootser kan, beter, we wilden uiteindelijk businessclass, we wilden luxere huizen. Nou, dat wisten we toen nog niet alleen daar zijn we dus ingegroeid en dat wilden we niet, we wilden niet pas dat leven leiden als we 40 zouden zijn of als we 50 zouden zijn want ja, voor je het weet ben je dood. Ook zonde als je dan niet alles eruit hebt gehaald.

Bas: Ja. Nou, ik had gister toevallig een andere podcast opgenomen en hij zei ok, mijn definitie van vrijheid is als ik gewoon alles kan doen en als ik boodschappen kan halen bij de Albert Heijn en ik gewoon me niet druk hoef te maken over het geld. Weet je, dus, dat is de grap, iedereen heeft een andere definitie van vrijheid weet je. Ik bedoel, dan proef je het op een bepaald niveau eigenlijk wat ik hier hoor en dan heb je het daarna al meteen van nou, nee, maar ja, businessclass is wel leuk en doe maar een villaatje erbij en er moet een mooie auto bij. Dus dan is dat plaatje van die vrijheid ziet er dan in een keer zeg maar een stuk luxer uit dan wat misschien de essentie van vrijheid misschien wel is zeg maar.

Jeanet: Ja, ja.

John: En dat hebben wij ook heel erg gemerkt.

Jeanet: Ja, absoluut.

Bas: Maar interessant. Dus uiteindelijk nou, dus een soort van inzinking gekregen op Bali en ja, daar toch nog een paar maanden volgehouden geloof ik.

John: Ja, zeker, ja, zeker.

Inzinking op Bali

Bas: Het werd uiteindelijk toch nog wel leuk of?

John: Ja, nee, 100%, eigenlijk direct daarna al want toen heb ik die knop om kunnen zetten en toen zijn we er vol voor gegaan. Het is alleen jammer dat we na 3 maanden alweer terug moesten naar Nederland want mijn opa was heel ziek en er werd gezegd ja, als je nog afscheid wilt nemen dan zou ik nu naar Nederland komen. Dat hebben we gedaan.

Bas: Ja.

John: En nou, vandaaruit moesten we nieuwe plannen maken. We zijn een maand in Nederland geweest in een vakanthuisje in Ermelo of all places want ja, we hadden geen eigen huis want die was bezet en toen daarna zijn we naar Mauritius gegaan, een hele andere kant op en in Mauritius is eigenlijk het spel echt begonnen voor ons.

Jeanet: Ja, ja.

John: Toen hebben we serieuzere huizen gehuurd.

Jeanet: In dat vliegtuig heen besloten we ook de eerstvolgende keer gaan we minstens premium class, dat was dan die tussenstap en gaan we toewerken naar businessclass.

John: Ja, en toen wat serieuzer, dat is wel even een mooi verhaal zo tussendoor want als je het hebt over visualiseren, de wet van de aantrekkingskracht, of je er nou in gelooft of niet.

Bas: Ja, ja.

John: Dus wij zaten daar in dat huis in Mauritius en dat was best wel een groot huis, mooi huis, het duurste tot dan toe voor ons. Niet dat dat veel uitmaakt, maar toen werd ons geld een paar keer gestolen vanuit dat huis.

Bas: Oh ja, lekker.

John: En toen hadden we niet echt meer een veilig gevoel.

Jeanet: Dat wisten we niet vanuit huis. Wij dachten in de gym bij de smoothie tent, we dachten overal.

John: Maar uiteindelijk bleek dat zo via het raam werd ons geld gestolen steeds want onze portemonnee lag op die bar en die werd steeds leeggehaald en weer teruggelegd.

Bas: Nee joh!

Jeanet: Super slim, ja.

John: Dat is heel jammer, maar buiten dat, het gaf ons niet meer een veilig gevoel.

Bas: Precies.

John: Wij denken we moeten een nieuw huis zoeken. Want we zouden 3 maanden op Mauritius zijn. Wat we gaan doen, daar hadden we weleens iets over gehoord, we gaan op airbnb kijken naar echt hele dikke villa’s, die gaan we toch niet huren, maar dan gaan we alvast in het kader van het visualiseren gaan we gewoon kijken bij die grote villa’s en dan doen we alsof we dat willen huren maar dat gaan we toch niet doen.

Bas: Oh ja.

John: Dus wij hadden zo eens een paar van die villa’s van 5.000, 6.000 euro voor een maand of zo, dat vonden we toen een verschrikkelijke hoop geld en dus wij daar kijken en toen kwamen we bij een villa, helemaal ook in Bali-stijl, super mooi en die stond voor 7.500 voor een maand op airbnb.

Jeanet: Wij dachten dat gaan we niet doen.

John: Dat gaan we niet doen. Dat zou ik nog steeds niet zo snel doen denk ik.

Jeanet: Nee.

John: En die vrouw zegt als je dat nou buiten airbnb om doet, want het was een mooi huis, goed internet en zo dan kan het voor 2.500.

Jeanet: Ja.

Bas: Nee joh! Gedeeld door drie, hoppa.

Jeanet: Ja, dat was een dikke deal.

John: Dat was wel een goede deal, dat was wel tot dan toe hadden we dat geld nog nooit uitgegeven voor huisvesting, maar ik denk nou, hé, dit is wel een kans. Dus wij dat gedaan, uiteindelijk 2 maanden in dat huis gezeten, Jeanet haar ouders nog uitgenodigd voor 10 dagen.

Bas: Juist.

John: Die zijn nog bij ons gekomen. Ja, en toen hadden we het idee ja, dit is wel echt het leven.

Jeanet: Ja.

Locatie onafhankelijk werken

John: Hoe noemden we dat ook alweer? Locatie onafhankelijk ondernemen met een hoge levensstandaard. Vanaf toen gingen we het op die manier zo benoemen.

Bas: Cool, cool. Ja, mooi, next level. Zo zie je maar weer dat je met een beetje creativiteit gewoon wel even next level kan gaan als je het maar gewoon, ja, durft en het aanpakt zeg maar.

Jeanet: Ja, en als je gewoon bereid bent het werk erin te steken want dat is uiteindelijk het grote verschil.

Bas: Precies.

Jeanet: Want ik weet nog dan deden we ook in dat huis in die villa zaten we dan webinars te geven, dat was nog voor bikini fitness en dan lag internet eruit precies 5 minuten voordat we live moesten, was allemaal kut.

Bas: Oh ja, stress.

Jeanet: Ja, echt verschrikkelijk. En zo’n verjaardagsactie die ik daar dan ook nog deed, dat was dan het laatste want we zouden dat stuk van het bedrijf afronden en alles zat tegen, alles mislukte en ja, dat is gewoon heel frustrerend op zo’n moment en we gingen door. En daardoor, ja, kunnen we iedere keer een nieuw B-punt eigenlijk creëren waardoor we ook iedere keer weer blijven groeien.

Genieten van de reis of de bestemming?

Bas: Juist. Maar kunnen we stellen naarmate ik hier het verhaal hoor zeg maar, zijn jullie meer gaan genieten van de reis in plaats van de bestemming?

Jeanet: Ja, ja, want ik denk in het begin, zeker als ik voor mijzelf spreek, ik had altijd: als ik dit bereik dan.

Bas: Als dan, ja.

Jeanet: Is het goed.

Bas: Ja, ja, dan kom je altijd bedrogen uit.

Jeanet: Ja, altijd.

Bas: Welkom in de echte wereld.

Jeanet: Ja, want dat was in 2018 op een gegeven moment toen hadden we alles zo’n beetje. Gewoon echt alles wat we wilden en toen heb ik een breakdown gehad in het zwembad, in Bali was dat. Ik denk ja, maar dit is een verschrikking. Niet het leven, ik wist gewoon, alles was gewoon niet leuk meer en ik wist niet zo goed waarom en toen bleek later toen hadden we het er ook een hele tijd over, toen had jij mij heel veel vragen zitten stellen.

John: Ja, toen was ik de coach.

Jeanet: Ja, en toen was het eigenlijk wat mijn grootste probleem was, de druk lag nog steeds op mij. Dus ik was degene die de klanten begeleidde, ook die de salesgesprekken deed en voor mij was die balans een beetje kwijt. In mijn ogen, dat is niet wat de werkelijkheid was, maar in mijn ogen deed John maar wat, gewoon hè, leuke dingen en een beetje achter de schermen, geen druk. Ja, sloeg nergens op, alleen zo zag ik dat en ik was absoluut nodig en als ik niet zou doen wat ik aan het doen was zouden we geen geld verdienen en dat was voor mij het punt dat ik denk ja, maar dit is ook geen vrijheid meer, dit is niet meer wat ik wil. En toen hebben we besloten vanaf dat moment, dat was ja, echt januari 2018, ik wil eruit stappen, niet uit het leven maar uit de–

John: Goede aanvulling.

Jeanet: Heel belangrijk.

Bas: Uit het vliegtuig?

Jeanet: Ja, precies.

Bas: Skydiven ok?

Jeanet: Ik wil het bedrijf zo neer gaan zetten dat ik misbaar ben, dat ik gewoon niet nodig ben en daar zijn we toen mee bezig geweest. Nou, en dat heeft uiteindelijk ook geleid nu tot wat Lifestyle of Business nu is. Ja, nu maakt het plat gezegd niet zoveel uit wat ik doe. Ik heb mijn klanten, vind ik heel leuk en de rest groeit gewoon door ook zonder mij en ja, nu is het dan wel een groot stuk ook bij John, die vindt dat nu nog ok en we hebben nu heel veel mensen ook in het bedrijf die ook de dingen runnen. Dus het is in die zin nog weer een heel stuk vrijer geworden en nu merk ik ook waar ik voorheen dus eigenlijk pas tevreden zou zijn als het perfect zou zijn merk ik nu al hé, maar als ik eens een keertje op bed blijf liggen, want de afgelopen maanden heb ik ontzettend veel moeten overgeven door de zwangerschap dus ik was heel ziek.

Bas: Oh ja, snap ik.

Jeanet: En ik kon niet werken. Het was niet mogelijk, ik was aan het uitdrogen, ik moest medicatie en dus ik moest rust nemen, maar het kon ook. Dus ik voelde me echt vervelender dan ooit en ik denk maar dit is wel geweldig, dat dit kan.

Bas: Ja.

Jeanet: En dat was op dat moment echt wel voor mij ook het moment dat ik dacht van ja, het heeft in die zin in 2018 begon het en nu zitten we ook op het punt het kan gewoon allemaal.

Bas: Ja, mooi, tof.

Jeanet: Ja, heerlijk.

Alles op slippers!

Bas: Laten we het over de business nog hebben, jullie business heet Lifestyle of Business en jullie hebben ook zo’n programma dat heet MBA op Slippers. Ik weet niet, volgens mij is dat ook een van de redenen dat wij, hoe zijn wij ook alweer in contact gekomen? Want we hebben wat video’s op en neer gestuurd toen jullie op Bali zaten en nu staan we hier. Ik ken jullie eigenlijk helemaal niet, maar.

John: Nee, nou, in een vogelvlucht heb je ons hele leven nu al meegekregen.

Bas: Precies.

John: Ja, dat was wel grappig ja, wij waren dus nog in Bali, dat was eerder dit jaar waren we een half jaar, of ruim een half jaar op Bali en ik kreeg steeds vaker van mensen berichtjes, hé, ken je deze gast? Ken je dit? Wat is jullie connectie samen?

Jeanet: Ja, iemand kopieert jullie, dat soort dingen.

John: Ja, die hebben we ook een paar keer gehad ja.

Bas: Serieus?

John: Volgens mij hebben jullie een copycat of zo want ja, jij hebt dan je website is toch ondernemenopslippers.nl of zo?

Bas: Ja, ja.

John: Ja, vandaaruit ook deze podcast natuurlijk en al onze progamma’s, wij hebben MBA op Slippers, dat is onze zeg maar kernproduct, onze ondernemersopleiding, maar al onze kleine producten, Sales op Slippers, Productiviteit op Slippers, alles heet op slippers.

Bas: Ja.

Jeanet: Ons logo, stropdas en een slipper.

John: Ja, en ik zie nu hier op die microfoon ook een soortgelijk logo. Het ziet er heel anders uit, maar het is met dat op slippers en bijna niemand, behalve jij dus en wij hanteren op slippers.

Bas: Ja, ja, zo, ja, ja.

John: En dat, mensen kijken ook niet veel verder dan dat natuurlijk want het is compleet wat anders.

Bas: Ik snap hem, ja.

John: Alleen vandaar uit kreeg ik die vraag. ik denk goh, Bas?

Bas: Wie is die gozer, godverdomme, die moet ik hebben.

John: Ja, ik had er wel al van gehoord, ik had al wel van jou gehoord en ik denk nou, ik moet toch maar eens kijken of ik in contact kan komen.

Bas: Ja, ja.

John: Ik weet eigenlijk helemaal niet hoe ik aan je nummer kwam.

Bas: Ja, nee, inderdaad, grappig. Nee, want bij mij ik noemde nog even noemde ik mijzelf ondernemer op slippers hè, en toen had ik helemaal nog niet het idee wat het ging worden of wat dan ook dus ik had dat gewoon op mijn LinkedIn op een gegeven moment gezet, ik vond dat wel grappig, virtual CEO, ondernemer op slippers, whatever, dat was letterlijk wat ik deed en zo is uiteindelijk een beetje dat ondernemen op slippers ontstaan zonder dat ik überhaupt wist zeg maar wat jullie deden. Dus zo is het eigenlijk weer een beetje samengekomen en op die manier zijn we allebei op slippers.

Jeanet: We hebben allebei gewoon briljante ideeën.

De slipper business van John en Jeanet

Bas: Ja, ja. Maar dus maar wat doet jullie slipperbusiness dan?

John: Dat is wel een goeie.

Bas: Ja.

John: Kijk, overkoepelend als je kijkt naar Lifestyle of Business dat is het merknaam.

Jeanet: Het bedrijf.

John: En is het bedrijf ja en alles wat eronder valt is op slippers, maar overkoepelend, wij zeggen altijd we helpen ondernemers meer misbaar worden in een bedrijf en een 8,5 scoren op ieder vlak.

Bas: Ja.

John: Die 8,5 is inmiddels ook wel duidelijk gaandeweg dit verhaal, hoe belangrijk slaap, voeding, alles voor ons is.

Bas: Ja, ja.

John: Dat betekent niet dat we nog onze klanten voedingschema’s en zo gaan geven, dat helemaal niet.

Bas: Nee.

John: Dus het is heel plat gezegd business coaching, alleen ja, iedereen noemt zichzelf tegenwoordig business coach, dus.

Bas: Ja, je wordt ermee doodgegooid.

Jeanet: Echt een teleurstellende term ondertussen, ja.

John: Ja, dus daar proberen we iets van weg te blijven maar in de kern komt het erop neer–

Bas: Heb je al een nieuwe term gevonden dan?

Jeanet: Nog niet.

John: Nee, nog niet want ja, mensen snappen het ook wel weer een beetje.

Bas: Ik snap het.

John: Alleen ze hebben er wel verhalen bij dus die moeten we dan gelijk ontkrachten.

Bas: Oh ja.

John: Maar eerder zeg maar tot eerder dit jaar praten we heel veel in van vakman doorgroeien naar leider in je bedrijf. Dat is een beetje hetzelfde hè, meer misbaar worden, om misbaar te zijn moet je eigenlijk de leider zijn van je bedrijf.

Bas: Ja.

John: En de meeste ondernemers die wij helpen, relatief kleine ondernemers, geen starter-starters maar ondernemers in de startup en de grow-up fase. Dus zeg maar tot 20 man personeel, tot een paar miljoen omzet dat zijn dan een beetje de ondernemers, dat vinden wij relatief kleine ondernemers.

Bas: Ja.

John: Die helpen we eigenlijk die transitie maken om eigenlijk echt de leider te worden want we hebben het ook gezien toen met Jeanet natuurlijk in die tijd, dat was echt een vakvrouw. Want die viel van het paard, business was om zeep.

Bas: Juist.

John: En dan zie je oh, fuck, ja, dat is totaal niet misbaar.

Bas: Nee, nee, precies.

John: Nou, en dat is waar wij ondernemers mee helpen in de vorm van coaching, bijna alles 1-op-1, met die kleine online programma’s dan.

Jeanet: Ja, en de co-coaches.

John: En we hebben inmiddels coaches m ons heen verzameld, maar de nadruk ligt eigenlijk altijd op zoveel mogelijk 1-op-1 contact.

Bas: Ja, cool, cool. Ja, nee, ik denk dat het een mooie transitie is. Ik denk ook, ik deed die test bij mijzelf ook al in mijn business, net als jullie testreisjes maakten zeg maar deed ik ook van die testreizen terwijl mijn business ook, ik ga nu 3 maanden hierheen en weet je, ik maakte gewoon een lijst met alles wat mij dan nog gevraagd werd hè, en vervolgens ging ik dan die lijst ging ik dan elimineren van ok, dit werd me gevraagd, hoe kan ik ervoor zorgen dat ik die vraag nooit meer krijg? Nou, dan ga ik dit doen. En zo ga je eigenlijk steeds meer zorgen dat je misbaarder wordt in je business en dat is wel mooi om te zien dat jullie daar, ja, dus ondernemers mee helpen. Maar vooral op elk vlak weet je, ik zie ook, ik geloof ook niet in één vlak, ik geloof niet in financieel succesvol zijn en niet slapen en heel veel geld op je bankrekening hebben staan. En buiten dat denk ik ook dat geld een relatief doel is altijd want het getalletje vergroten op je bankrekening is ook maar relatief en brengt je uiteindelijk ook helemaal niks.

Jeanet: Nee, dat was bij Hawaii ook een heel mooi voorbeeld. De tweede keer, wij zijn in 2019 na die 5 jaar weer teruggegaan en toen hebben wij onze familie getrakteerd op zo’n reis erheen dus wij waren ook al, nou ja, eigenlijk het hele jaar aan het geld opzij zetten daarvoor. We dachten, eerst dachten we zonder research 50.000. nou, dat bleek mee te vallen dat was 30 uiteindelijk. Maar wat was het, een week of zo.

John: Ja, een week.

Jeanet: Dus het was een dure week in die zin, maar we wisten ook gewoon ok, die 30.000 dat is een soort van nu het eerste doel, maar we kijken natuurlijk helemaal niet terug naar oh, dat kostte 30.000, we kijken terug naar oh, man, dat was geniaal want we stonden daar rotte kokosnoten te hakken omdat we geen idee hadden wat we deden en we waren aan het voetballen met de familie en we stonden daar op het strand met iedereen erbij. Het jaar ervoor was bij mijn moeder kanker geconstateerd, ver uitgezaaide borstkanker en de vraag was eigenlijk gaat ze het überhaupt halen om daarheen te kunnen? Dus er zat ook een heel emotionele lading overheen dat ze en weer kon lopen want het was zo uitgezaaid dat haar botten gebroken waren, maar ze kon weer lopen, ze hoefde geen rolstoel mee, ze was er nog, dat was het allerbelangrijkste natuurlijk en nu we daarop terugkijken is dat gewoon de beste ervaring ever, al was het een ton geweest, dat is het waard want daar kijk je op terug.

Bas: Zeker, juist.

Jeanet: En dat zijn de dingen die echt belangrijk zijn.

Bas: Ja, ja, gewoon geen spullen verzamelen maar avonturen, dat is ook altijd wat ik zeg, zeg maar. Mooi. Mooie, ja, mooi. En hoe gaat het nu met haar?

Jeanet: Goed.

Bas: Ok.

Jeanet: Ja, echt heel goed. Ze heeft, het was uitgezaaid in de botten, echt veel, in de heupen, in de rug, eigenlijk het hele lichaam, lever en lymfeklieren en dan haar borsttumor was zo groot, het kon niet geopereerd worden een heeft ook geen nut als er zoveel uitzaaiingen zitten. Ze was er eerst heel slecht aan toe, maar enerzijds heb ik ook de achtergrond in voeding dus ik wist best wel veel dingen die ze zou kunnen doen en nou ja, dat was weer een nieuw doel, daar ga ik goed op, mijn eerste doel was, van ons allemaal natuurlijk, maar ik wierp mij op als degene die onderzoek deed: mama in leven houden. In eerste instantie dat was het eerste doel, in leven houden, niet eens beter maken maar gewoon in leven blijven en dus voeding aangepast, immuunsysteem versterkt, natuurartsen gevraagd, dus steeds meer eromheen gedaan eigenlijk wat we konden en ja, dat ging zo succesvol dat de doktoren eigenlijk ook verbaasd waren over hoe snel zij vorderingen maakte en uiteindelijk is er nu ook een stichting uit voortgekomen die ik heb dat is GOA Kanker en dat is een stichting die ik nu aan het, die heb ik nu een jaar, ja, een jaar geleden. Tenminste, een jaar geleden was het een eenmanszaak en nu is hij overgezet op een stichting, om kankerpatiënten te helpen, alle handvatten te geven die er wel zijn, maar die ze niet krijgen vanuit ziekenhuizen want daar is het gewoon chemo of bestraling of medicatie of ja, kijk maar eventjes, we kunnen niks voor je doen.

Bas: Ja, precies.

Jeanet: Terwijl er is veel meer en dus ja, dat, zij gaat fantastisch, ze kan alles weer, ze is echt heel fit en nu kunnen er ook heel veel mensen mee helpen, dus ook dat, totaal dieptepunt, nog nooit zo een dieptepunt gehad in mijn leven die zomer van 2018.

Bas: Ja.

Jeanet: En nu helpen we er andere mensen mee om hun leven in ieder geval zo goed mogelijk nog te laten verlopen, voor hoe lang dat ook maar duurt. Ja, dat is puur daaruit gekomen.

Bas: Ah, wow, wow.

John: Ja, want toen kwamen we er ook achter, ja, hoe belangrijk is het eigenlijk allemaal. Toen waren we net allemaal dat aan het najagen met auto’s en spullen en zo en dan zie je in een keer ja, fuck, het kan eigenlijk echt zomaar klaar zijn.

Jeanet: Het doet er dus echt niet toe.

John: Nee.

Bas: Nee, dus dat is ook, als ik de podcast een beetje kan samen vatten zeg maar, ik zeg altijd, mijn uitspraak is altijd tijd is leven en dat bewijst dit ook maar weer want we weten dat we allemaal een keer doodgaan, we weten niet wanneer. We zijn tot de kern gekomen dat het gaat om avonturen en niet om materialen.

Jeanet: Ja.

Bas: We zijn er ook achter gekomen dat als je een droom hebt en je staat er dat die heel erg kan tegenvallen.

Jeanet: Ja.

Bas: Maar goed, dat die daarna misschien nog wel mooier wordt weet je. Zijn er nu, afsluitend, zijn er nu nog bepaalde dromen, ik vind het trouwens heel mooi de stichting die je hebt opgezet en wat je daarmee doet vind ik echt heel mooi dat je dat, ja, ook vanuit je hart uitdraagt zeg maar na de ervaring die je hebt gehad.

Jeanet: Ja, ja, fantastisch.

Bas: Laatste vraag nog, zijn er nog dromen die jullie samen hebben of individueel of whatever waar jullie naartoe gaan of hebben jullie gewoon zoiets van nou, laten we gewoon zoveel mogelijk avonturen beleven en dat is de droom.

Jeanet: Nou, voor mij is toch echt wel de droom, ja, twee dan, nou, drie.

Bas: Nou, vier.

Jeanet: De eerste is de baby want die komt ook als eerste. Dat is niet echt een droom maar, nou ja, dat is een heel nieuw leven daar heb ik echt heel erg zin in. Het huis in Spanje dat is wel echt een droom waar ik nu naartoe werk en uiteindelijk Hawaii, dat is wel een soort van het stipje op de horizon nu, maar zeker ook dat huis en Spanje binnen nu en 2, 3 jaar dat vind ik, dat wil ik echt heel graag.

Bas: Maar je bent nu niet bang dat je dan dadelijk in Spanje woont en dat je denkt holy fuck wat is het hier saai?

Jeanet: Nee, want we hebben zoveel in het buitenland gewoond, ik weet ik vind het heerlijk, als het lekker weer is vind ik het fantastisch.

Bas: Precies, ja.

Jeanet: Met boerderijdiertjes en vrijheid en vooral rust, gewoon geen gedoe.

Bas: Ja, juist.

Jeanet: En misschien vinden we Spanje niks, maar ja, weet je, als je dat ziet, nou, dan zoeken we een andere plek.

Bas: Dus als je in Drenthe een zonnetje erbij kan kopen dan ben je er eigenlijk ook.

Jeanet: Ja, eigenlijk wel. Als het daar gewoon altijd 25+ was, maar ja, dat gaat hem niet worden.

Bas: Ik snap het, ik snap het, nou, mooi, mooi.

John: Voor mij ligt het wel een beetje in het verlengde daarmee. Met Lifestyle of Business wat we eigenlijk doen wij helpen, dat heb ik net nog niet verteld, mensen, wij leren mensen eigenlijk relaxed vlammen, zo zou je het bijna kunnen noemen, ons logo is een slipper en een stropdas dat is al een tegenstrijdigheid, relaxed vlammen ook. Dus wel keihard vlammen terwijl je altijd een vakantiegevoel ervaart en dat proberen we ook steeds meer terug te laten komen in hetgeen wat wij doen. Zo hebben wij nu ons kantoor in de wijk en nou, we hebben dan een sauna en binnenkort ook een jacuzzi, dus we kunnen ook echt relaxed vlammen trainingen gaan geven, dus gewoon echt wel keihard dat zakelijke, die stropdas.

Bas: IJsbad moet er nog bij trouwens.

John: Ja, zeker.

Jeanet: Ja.

John: Ja, zeker, ik vind het zelf verschrikkelijk maar het is wel goed om te doen.

Bas: Ja.

John: Dus dat moeten we ook zeker gaan doen, maar dan kan je die complete ervaring bieden.

Bas: Ja.

John: Een hele dag gewoon knallen aan je business, maar ook aan je persoonlijk.

Bas: Ja.

John: Maar dat willen we eigenlijk over de wereld gaan doen. Dus die paar locaties die we willen hebben ook in Spanje onder andere daar moet ook zo’n centrum bij zitten zodat we ook mensen naar ons toe kunnen halen om juist die boodschap nog veel meer te gaan verspreiden.

Bas: Ja.

John: En dat is de komende paar jaar een droom en dan hebben we nog een, ja, dat is wel een heel grote droom misschien maar dat is over, vanaf over 10 jaar. Kijk, ons logo leent zich er ook echt voor om dat te verspreiden die stropdas en die slipper, ziet er tof uit. Dus enerzijds we willen een kofferlijn hebben. Nou, daar zijn we al een klein beetje mee bezig.

Bas: Oh, zo, ja, echt fysieke producten erbij.

John: Ja, dat mensen gewoon lekker op Schiphol lopen of zo met onze koffer.

Bas: Ja, ja.

John: En als we dan nog wat verder zijn dan willen we eigenlijk gewoon een businesslounge hebben op Schiphol.

Jeanet: Dat lijkt ons echt cool.

John: Een Lifestyle of Business lounge.

Bas: Oh, ik snap het, ja.

Jeanet: Ga je naar Schiphol, kom je met je premium pasje en dan ga je in de business lounge zitten.

Bas: Ja, tof.

John: Het heeft nog wat voeten in de aarde denk ik, maar goed, we hebben ook geen haast hè.

Bas: Nee, nee, ik snap het. Maar dit zijn ook, veel businesses doen natuurlijk, ik zal je dadelijk ook mijn boek meegeven, Nu of nooit op Amazon dan kan je die kofferlijn mooi uitrollen over de wereld op Amazon.

John: Cool.

Jeanet: We hebben de eerste prototypes al binnen dus.

Toekomst droom

Bas: Cool, cool, ja, maar dat is niet een bepaalde, ik bedoel, het is natuurlijk altijd tof om bepaalde businessdoelen te hebben, maar heb je nog een droom die je als persoon hebt die losstaat van alle business dingen?

Jeanet: Ja, jouw droom was een kind.

John: Ja, dat was een kind ja.

Jeanet: En is het nog steeds hoor.

Bas: Oh, zo, ja, precies.

John: Ja, tenminste, en dat, ja, daar gaan we vanuit dat dat ook, dat dat goed gaat.

Bas: Ja, ja.

John: Maar dat was wel een eerste droom. Ik heb nu niet–

Bas: Dat is wel een droom die gewoon echt heel lang duurt hoor dadelijk.

Jeanet: Soms misschien niet zo’n droom.

Bas: Na drie nachten denk je oh, krijg je weer die breakdown.

Jeanet: Ja.

John: Oh, lekker dan. Nou, ik kan me er nog even 4 maanden op voorbereiden.

Bas: Ja, nee, is leuk man, is leuk.

John: Ik heb verder niet specifiek oh, dit zou ik nog willen of dat zou ik nog willen. Nee, gewoon gaandeweg doen we al die avonturen op en dat komt wel.

Bas: Cool. Ja, tof. Mooi man, we zijn alweer langer dan een uur hier aan het lullen. Als mensen nog aan het luisteren zijn, dank je wel. Iedereen vond jullie blijkbaar interessant genoeg. Ik vond het heel gaaf dat jullie hier waren allebei, John en Jeanet. Nou ja, laten we contact houden aangezien we allebei op slippers heten.

Jeanet: Ja.

Bas: Dus we gaan eens even chillen op slippers een keer of andere mooie dingen doen.

Jeanet: Ja, lekker in het buitenland, heerlijk.

Bas: Ja, nogmaals dank je wel jongens en tot snel, doei doei.

Jeanet: Doeg.

Bedankt voor het luisteren naar de Ondernemen op Slippers podcast. Check voor meer informatie ondernemenopslippers.nl. Tot de volgende keer!

Bas: Ja, mooi, mooi, mooi, dat waren John en Jeanet van Lifestyle of Business. Mooi verhaal in ieder geval een nou ja, ook gewoon mooie lessen die we eruit hebben gehaald weet je, de reis is eigenlijk de bestemming, tijd is leven, staar je niet blind op de top van je droom, het kan ook tegenvallen weet je dus nou ja, heb het allemaal goed. Ik vond het een interessant gesprek en ik zeg tot de volgende keer maar weer! Ciao ciao!

Place comment

arrow_drop_up arrow_drop_down